Skip to content

Joost Bruins – Brillenjood

04/12/2012

Nog nooit heb ik een boek op de dag van uitkomen gekocht en nog nooit op de dag na aankoop uitgelezen. Het gaat dan ook om een bijzonder boek, het debuut van een vriend. Hij was er 7 jaar mee bezig, we spraken er soms over en ik mocht een stukje proeflezen. Het leek een zware bevalling die vanwege zijn volharding tot een goed einde is gebracht. Bij mezelf kan ik niet zo’n grote schrijfbehoefte en geldingsdrang opwekken. Schrijven is hard werken en de aandacht van de buitenstaanders is gering. (Als alles hier mislukt, kan ik altijd nog dat worden. Schrijver. Iemand die zich kwijt van een voor het oog van de buitenwereld  zinloze zaak.   pagina 18)  Ik zou het pas kunnen als een bescheiden leeskring gegarandeerd wordt.

Hoe moet je het boek van een bekende beoordelen?  Mijn blogzorg verdwijnt gelukkig meteen na lezing. Er spelen opeens zoveel meer zaken dan de wisselwerking tussen tekst en lezer.  Brillenjood is een persoonlijk getint verhaal  en we weten dat de schrijver zelf ook op die leeftijd in een kibboets woonde. Dus als we de hoofdpersoon daar beschreven zien stellen we onterecht maar toch automatisch onze vriend in die rol voor. Als Larza op de rand van zijn bed zit of heel voorzichtig doucht verbeelden we zelfs het naakte lijf van de schrijver.  Maar ons voorstellingsvermogen blijft grotendeels bij die uiterlijke associaties. Voor het innerlijk  kunnen en willen we geen verbanden leggen. Wel komt de nieuwgierigheid wat verzonnen is en wat werkelijkheid is bij een bekende veel urgenter naar boven.

IMG_0044

De omineuze titel Brillenjood blijkt gelukkig alleen de blikvanger. Voor de oorlog was het een onschuldige volksnaam voor een opticien. Na de oorlog werd het een scheldwoord. Het woord komt slechts eenmaal voor als de jonge Larza voor het eerst met zijn bril naar de lagere school gaat. Daarna valt het het schelden wel mee en in Israël speelt de bril geen rol meer.

Een andere titel voor het boek zou kunnen zijn ‘Larza in de schaduw van de bloeiende meisjes’. De hoofdpersoon heeft er zijn ogen en gedachten vol van. Hij ziet zelfs in het berglandschap borsten verschijnen. De meisjes hebben heel verleidelijke namen zoals Deborah, Shoshanna, Ulrike en Brunnhilde. Het verhaal begint en eindigt met zo’n  meisje. Vanwege de borsten van Deborah onderbreekt Lars zijn studie Sociale Wetenschappen en vertrekt naar een kibboets in Israël. In eerste instantie wil hij Jood worden en zich definitief vestigen. Tot 3 maal toe probeert hij de rabbi Pinchas te overtuigen dat het geen lichtvaardige keuze is. Maar iedere keer wordt hij resoluut afgewezen. De rabbi wil amper naar hem luisteren en is van mening dat je jood bent en  het niet kunt worden. Een verstandig advies van een ervaren geestelijke aan een 21-jarige jongen die zijn familie in Nederland heeft verlaten. Want juist de joden weten wat het is om je familie te verliezen. Na de tweede weigering kan Larza de afwijzing al half accepteren en verandert zijn verblijf definitief naar de status van toerist  Hij vindt vlak voor vertrek vrede voor deze beslissing in de armen van Hillary.

Het hoofdpersonage van het boek is eigenlijk Israël.  De sfeer van een waakzaam land is goed getroffen. Zonder een politiek boek te zijn is de dreiging voelbaar van een land in staat van oorlog. Onze eigen Israël vakantie-ervaringen zullen daar debet aan zijn. Vooral in de afwijzing van de rabbi wordt de politieke situatie aangescherpt. Joden bestaan bij de gratie van de niet joden. Het zit gewoon niet in hun genen om te assimileren. Een volk van muizen zijn wij, van bange muizen, slimme muizen, we moesten wel slim worden.(124 ). In 1990 was er de dreiging van Irak, nu van Syrië en de nieuwe Palestijnse staat.

Bruins, JoostBrillenjood is een novelle. Het vertelt over een bijzondere gebeurtenis en toont het hoofdpersonage op een beslissend moment in zijn leven. Met zijn 136 pagina’s van 320 woorden valt het totaal van 43.000 net buiten de 20.000 / 40.000 range van een novelle.
Het is ook een persoonlijk boek. We volgen de monoloog interieur van de hoofdpersoon Lars Populier die door zijn vrienden Larza wordt genoemd.  Het verhaal staat in de tegenwoordige tijd. Alleen als Larza voor de uitleg gaat herinneren komen we in de verleden tijd. Je komt dat niet vaak tegen. Het werkt goed en geeft het verhaal een lichtvoetige toets. Dat komt ook door de korte paragrafen die het fragmentarische  denkproces van de jongeman weergeven. Heel knap zoals de herinnering aan een periode van ruim 20 jaar diep in het verleden zo goed bewaard is gebleven. Het is alsof het vorige week is gebeurd. De plicht van het opschrijven zal daar best aan meegeholpen hebben.
Larza is een typische buitenstaander wiens bestaan geen pretje is. (Het is me niet gelukt hier voet aan de grond te krijgen. Over de drempel te stappen. die hoge drempel die alles zo moeilijk maakt.   102)  Hij is een nauwkeurig waarnemer van de externe en interne wereld die alles wil benoemen. Zelfs de geluiden worden in woorden vertaald. (klop klop klop, drup drup drup). Het eindresultaat is een waardevol egodocument dat een venster op de ziel van de schrijver is. Ik ben benieuwd wat Joost nog meer heeft te vertellen. Welke herinneringen hij nog meer wil bevriezen. Maar vrees dat ik wel even geduld zal moeten hebben.

Een paar bijzondere zinnen en observaties die ik op mijn bladwijzer aantekende:

Omdat ik murw was, vanwege de vermoeidheid en de hitte, liet ik mij ontvallen dat ik mij met een fototoestel hier net een toerist zou voelen.     32    (De huidige Joost heeft hier wel afstand genomen van de vroegere Larza.)

Had ik het anders aan moeten pakken? Als je een kluwen ontwart, is dat een belangrijke vraag. Begin je zomaar ergens dan kan het je alle tijd van de wereld kosten, tijd die je niet hebt. Daarom moet je eerst kijken hoe die kluwen tot stand gekomen is, je moet de logica van de verwarring inzien.       103   (Lijkt een beetje op mijn ontknopings-streven, maar is natuurlijk ook weer heel anders.)

Terwijl hij (de Rabbi) de deur van zijn kamer achter zich dichttrok, draaide een groot rad binnen in mij één tand verder, een rad dat maar één kant op kan, en dat rad was het rad van het leven geweest.       107  (Is wel waar maar klinkt ook wel onheilspellend)

Hoe een Egged bus er in 1990 uitzag kunnen we tegenwoordig eenvoudig zelf oplossen.

EGGED_BUS 1990-1995

Advertenties

From → literatuur

Geef een reactie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: