Skip to content

Sturgill Simpson – Metamodern sounds in Country Music – 2014

07/06/2014

Robert van Gijssel van de Volkskrant heeft een ruime smaak. Hij recenseert naast de zware gitaren, de dance en de roots ook de countrymuziek. Afgelopen week was het weer raak en introduceert hij de derde ster van de new traditional countrymusic golf. Na Daniel Romano en Robert Ellis komt hij nu met Sturgill Simpson. De verbindende factor tussen de metal en de country is natuurlijk de gitaar en die is bij Sturgill Simpson prominent aanwezig. Mijn kennismaking met Daniel Romano kwam uit een andere bron. Robert Ellis heb ik op zijn aanraden geprobeerd maar misschien te snel afgekeurd. Nu ik 2 van zijn 3 tips scoor moet Ellis in de herkansing. Mijn instelling was dat nieuwe countrymuziek vooral origineel en vernieuwend moet zijn. Met Sturgill Simpson verlaat ik dat standpunt en ga ik schaamteloos genieten van wat ik mooi vind. Misschien komt die verandering  ook wel een beetje door het succes van de Common Linnets bij het Europese Songfestival.

SIMPSON, Sturgill 2byMelissaMadisonFuller

 

Sturgill Simpson (1978) komt uit Kentucky. Als hij al niet zo heette zou hij die stoere naam bedacht moeten hebben. Na een periode bij de marine blijft hij in Japan hangen voor hij terugkeert naar Kentucky. In 2004 vormt hij daar de traditionele bluegrass band Sunday Valley. In 2012 is hij toe aan een solocarrière met meteen het jaar daarop de eerste cd:  High Top Mountain.  Zijn intentie was om de outlaw sound van Waylon Jennings en consorten te herscheppen. Bij de sessie-muzikanten is zelfs de voormalig gitarist van Jennings: Robby Turner aanwezig. Het is hem gelukt maar het album straalt een behoudend mainstream country geluid uit. Snel daarna komt in 2014 de grote doorbraak met de tweede cd: Metamodern sounds in Country Music.

Simpson refereert met die titel natuurlijk aan Modern sounds in Country and Western Music van Ray Charles. De elpee uit 1962 waarop Charles een aantal countryklassiekers opnam met een unieke mix folk en jazz. Hij overschreed toen bewust de raciale grens door als zwarte Amerikaan een typisch wit en reactionair bolwerk te betreden. De elpees waren een groot succes maar zijn lange tijd alleen voor te veel geld te koop. Nu blijkt dat Vol 1 en 2  eindelijk in 2013 voor €9,50  gecombineerd op 1 cd is uitgegeven. Wat leven we toch in een mooie tijd waarin veel zo eenvoudig vindbaar en koopbaar is.

Anders dan de Modern Sounds van Ray Charles blijven de Metamodern Sounds van Simpson binnen het traditionele Country kader. Misschien schuift hij vergeleken met zijn eerste cd iets meer naar de progressieve kant op.  Als ik de cd voor de eerste keer in mijn speler leg duurt hij maar 35 minuten. Het is een compliment voor de veelzijdigheid van Simpson want tijdens de voorafgaande luisterbeurten op de Ipod leek hij wel een uur te duren. Als een klassiek Nashville album telt het slechts 10 liedjes. In de jaren 60 was de standaard voor de sterren om ieder jaar routinematig een elpee te vullen met 2 x 5 liedjes die amper een half uur duurde. Toen leek het nog minder omdat je halverwege de elpee om moest keren. Nu blijken de 35 minuten dankzij de repeat-all stand ruim voldoende.

Simpson Sturgill - metamordern soundsDat komt op de eerste plaats vanwege die overrompelende stem. Je denkt eerst aan Waylon Jennings, het volgende liedje lijkt hij op Buck Owens en daarna komen flarden van Merle Haggard en James Talley langs. Maar na verloop van tijd vervloeien die referenties tot de unieke stem van Sturgill Simpson zelf. Die eerste luisterbeurten op de Ipod waren zonder een beeld van de zanger. Als ik Sturgill thuis google blijkt zijn uiterlijk geheel niet overeen te stemmen met die gigantische stem. Ik hoor een grote imposante en stoere man en krijg een schuchtere folkie met vlasbaardje. Als ik daarna  de youtube filmpjes bekijk wordt hij al snel steviger en is zijn militaire vorming invoelbaar.

Vlak na die stem komen de veelvoudige gitaren die hem als een woud van snaren omvatten. Het hoesje meldt dat Sturgill alleen maar akoestische gitaar speelt. Alle fenomenale electric en slide gitaargeluiden zijn afkomstig van de telecaster van Laur Joamets. In de linernotes wordt geen afzonderlijke steelguitarist genoemd. Laur Joamets is gewoon het vaste lid van de begeleidingsband. Hij is geboren in Estland en heeft in Nashville zijn muzikale hemel gevonden. De cd is in 4 dagen voor het luttele bedrag van $4000,- opgenomen. Het is onvoorstelbaar dat bijna alle liedjes al na 2 takes op de band stonden.  Daar heb je een goede producer voor nodig. Het is duidelijk dat Dave Cobb wist wat zijn doel was en hoe hij het kon bereiken. Er blijken al 2 door hem geproduceerde cd’s in mijn kast te staan: Jason Isbell – Southeastern (2013) en Jamey Johnson – The guitar song (2010). Allebei kraakhelder opgenomen progressieve gitaarcountry met stevige stemmen. Vooral Jamey Johnson had ik als referentie voor Sturgill Simpson al willen herbeluisteren en zal dat nu zeker doen.

Sturgill Simpson heeft 8 van de 10 liedjes zelf geschreven. De teksten zijn adequaat voor herhaald luisteren maar halen het niet bij zijn voorbeelden. De ontknopingen zijn nog te ingewikkeld, Sturgill wil nog teveel zeggen. Maar dankzij die stem vergeef je hem bijna alles.

Time and time again, Lord, I’ve been going through the motions/ It’s a means to an end but the ends don’t seem to meet.

She left my heart feeling taunted/And my memories all haunted/But it’s her I have to thank for all my songs.

Every time I take a look inside that old and fabled book/I’m blinded and reminded of the pain caused by some old man in the sky.

Woke up today and decided to kill my ego/It never done me no good no how.

Het mooiste liedje van de cd is niet zelf geschreven: The long white line van Charlie Moore and Bill Napier:

I won’t be around this old town anymore for a long long time / Gonna hit the road and start looking for end of that long white line
I woke up my baby was gone / without her I don’t need no home / Gonna hit the road and start looking for end of that long white line
Went to bank to get my dough / I don’t care where I go /, Gonna push this rig till I push that gal right out of my mind
If somebody wants to know whats become of this so and so / You can tell em I’m somewhere looking for the end of this long white line
New York City old St. Joe Alburque New Mexico/ This old rig is humming and rolling she’s doing fine
If somebody wants to know whats become of this so and so, You can tell em I’m somewhere looking fot the end of that long white line

Om zo’n verbluffende eenvoudige tekst zelf te schrijven zal Sturgill nog een tijdje op Merle Haggard moeten studeren.

De clip geeft vooral aan hoe simpel het muziekmaken kan zijn en hoe adembenemend Laur Joamets op zijn  Telecaster speelt. Wie heeft er dan nog een steelguitar nodig.

 

 

Alle country cliché’s worden door Sturgill Simpson netjes opgepoetst en technisch beter dan origineel uitgevoerd. De muziekindustrie is nu veel beter geschoold en ontwikkeld dan in de jaren 60. De helden van weleer waren autodidakt die pakkende en vooral simpele liedjes schreven omdat ze niet anders konden. Dankzij de muziekscholen en digitale wereld zijn de klassieken  toegankelijker dan ooit. Het is dus niet vreemd dat ze steeds opnieuw komen bovendrijven. Volgens Sturgill Simpson zijn  Waylon Jennings, Buck Owens en Merle Haggard de aartsvaders van de outlaw country. Het is een vorm van countrymuziek die tegenwoordig in Europa breder wordt gedragen dan in Amerika.

owens-buck-51acc51a9ec10 (1)Buck Owens (1929-2006) komt uit Texas maar woonde in California. Naar zijn woonplaats Bakersfield is de Bakersfield sound genoemd. Een gitaar georiënteerde kruising tussen rock en honky tonk. In de meerstemmig  vlijmscherpe vocalen zong hij met zijn Buckaroos de prachtigste teksten over heartbreak en loneliness.

They’re gonna put me in the movies
They’re gonna make a big star out of me
We’ll make the film about a man that’s sad and lonely
And all I gotta do is act naturally

Well, I’ll bet you I’m a gonna be a big star
Might win an Oscar, you can never tell
The movie’s gonna make me a big star
‘Cause I can play the part so well

Well, I hope you come and see me in the movie
Then I’ll know that you will plainly see
Biggest fool that’s ever hit the big time
And all I gotta do is act naturally

We’ll make the scene about a man that’s sad and lonely
And begging down upon his bended knee
I’ll play the part but I won’t need rehearsing
All I have to do is act naturally

Haggard, Merle - Down evey road.BMP

Merle Haggard (1937- ) kwam ook uit Bakersfield en is de grootste singer/songwriter van zijn generatie. Voor mij misschien wel de grootste countryster ooit. Zijn  liedjes gaan over de standaard country onderwerpen: gevangenis, verraad, drinken, zwerven, werk en liefde. Ze lijken eenvoudig maar blijven verbazen door de onvoorspelbaarheid van de teksten. Net als bij Frank Sinatra valt ieder rijmwoord steeds weer onvoorspelbaar op zijn plaats. De 100 liedjes op zijn 4 delige verzamel cd Down every road (1962-1994) zijn een staalkaart van menselijk emotie. Het is misschien wel mijn meest dierbare cd die vooral in de auto heel goed dienst doet.

Each night I leave the bar room when it’s over
Not feeling any pain at closing time
But tonight your memory found me much too sober
Couldn’t drink enough to keep you off my mind 

Tonight the bottle let me down
And let your memory come around
The one true friend I thought I’d found
Tonight the bottle let me down

I’ve always had a bottle I could turn to
And lately I’ve been turnin’ every day
But the wine don’t take effect the way it used to
And I’m hurtin’ in old familiar ways 

of

This old smoke filled bar is something I’m not used to
But if gave up my home to see you satisfied
And I just called to let you know where I’ll be living
It’s not much but I feel welcome here inside

And I’ve got swinging doors a jukebox and a barstool
And my new home has got a flashing neon sign
Stop by and see me anytime you want to
Cause I’m always here at home till closing time

I’ve got everything I need to drive me crazy
I’ve got everything it takes to lose my mind
And in here the atmosphere’s just right for heartaches
And thanks to you I’m always here till closing time

Jennings, Waylon

Sturgills stem lijk nog het meest op die van Waylon Jennings (1937 Texas – 2002). Jennings begon als bassist bij Buddy Holly en overleefde zijn baas omdat hij de dodelijke plek in het fatale vliegtuig waarmee Holly verongelukte afstond aan een zieke collega. Voor mij is hij voornamelijk dierbaar als het vierde deel van de gelegenheidsband the Highwaymen die hij vormde met Johnny Cash, Willie Nelson en Kris Kristofferson. Als ik nu de 2 solo lp’s van hem opdiep en draai op mijn platenspeler (waarvan de aandrijfriem na 40 jaar nog steeds functioneert) blijkt waarom ik nooit echt fan van hem ben geworden. Mooie stem, goede teksten maar zijn country is toch net even te veel mainstream. Dan waren de Bakerfielders een stuk stoerder. Begrijp nu dus ook  waarom onze Waylon van het Common Linnets succes zich naar deze grote Waylon heeft genoemd. Hun debuut cd straalt ook eenzelfde voorspelbaarheid uit.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Advertenties

From → muziek

One Comment

Trackbacks & Pingbacks

  1. 2014 in muziek | Ontknoping

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: