Skip to content

Werner Bräunig – Rummelplatz – 1965/2007

15/11/2015

Bräunig, Werner

 

Rummelplatz (Kermis) is een sensationele roman gesitueerd in het fictieve dorp Bermsthal, in de voormalige DDR, waar de mijnbouwmaatschappij Wismut uranium delft voor het atoomprogramma van de Sovjet-Unie. Het zware, maar goedbetaalde werk in de mijnen trekt een bont gezelschap van buitenbeentjes, oorlogsveteranen en gelukzoekers. De mijnwerkers vinden vertier op de kermis en in de kroeg, waar wordt gezopen en gevochten, gewanhoopt en gehoopt.

Zelden heb ik een omslagtekst gelezen die de lading zo slecht dekt. Je verwacht een luidruchtig en realistisch arbeidsepos dat speelt in de grimmige beginjaren van de DDR. Wat je krijgt is een panoramavertelling over het na-oorlogse Duitsland waar zich langzaam de kloof vormt tussen Oost en West. De eerste hoofdstukken kloppen nog tot er ook een papierfabriek in Bermsthal blijkt te staan en we personages in West Duitsland ontmoeten. De mijn blijft aanwezig maar we gaan nooit meer onder de grond. Walter Bräunig had een veel ruimere blik en wilde De Grote Duitse Roman over zijn tijd schrijven. Hij voert talrijke personages op wiens levens met elkaar vervlochten zijn. Door de grote hoeveelheid gelijkwaardige personages is er geen duidelijke hoofdpersoon aan te wijzen. Het is een vaker voorkomende schrijfstijl in wat je een caleidoscopische roman zou kunnen noemen. Onlangs las ik nog enkele boeken in deze stijl en over dezelfde periode.

De Joodse Oekraïense  Irène Némirovsky (1903-1942) kwam in 1942 om in Auschwitz en schreef vlak voor haar dood het meeslepende relaas over hoe de Parijssenaren hun stad ontvluchten voor de oprukkende Duitsers. De roman Suite Francaise (Storm in Juni) bleef lang in een la liggen en werd pas in 1990 door haar dochter ontdekt en in 2004 uitgegeven. De publicatiegeschiedenis lijkt dus veel op die van Rummelplatz.

De Russische journalist Vasili Grossman (1905-1964) beleefde WW2 aan de Russische zijde en publiceerde in 1959 zijn Leven en Lot. Zelden zo indringend met een soldaat in een schuttersputje gezeten. Net als Bräunig kwam ook hij in aanraking met de censuur en kreeg een publicatieverbod.

De Russische Ljoedmila Oelitskaja (1934) schrijft in Een Russische Geschiedenis (2010) over een latere  fase van het communisme in Rusland. Zij begint vlak na de oorlog en maakt de aansluiting met het heden. Zij leeft nog en moet continue rekening houden met de censuur.

De vader van al deze Oostblok romans is natuurlijk Boris Pasternak (1890-1960). Zijn Dr. Zjivago werd ook door de censuur tegengehouden en moest in 1957 in het buitenland worden uitgegeven. De caleidoscopische opzet is zeker aanwezig maar vanwege de titel moeilijk vol te houden. Die geeft ons een overduidelijke hoofdpersoon en toen in 1966 de filmversie van David Lean uitkwam veranderde de politieke lading van het boek in een lovestory.
Bräunig, Werner 2

Uit het nawoord van vertaalster Josephine Rijnaarts blijkt dat Werner Bräunig (1934-1976) indertijd niet zo onbekend was als de omslagtekst doet vermoeden. Hij werd zelfs als een grote belofte beschouwd en juist daardoor extra in de gaten gehouden door de censuur. Door zijn publicatieverbod werd hij vergeten wat blijkt uit de karig beschikbare internetfoto’s en biografische informatie.

Werner Bräunig komt uit een arbeidersgezin en heeft al op 12 jarige leeftijd zijn eerste illegale handeltjes. Niet zo vreemd voor een slimme jongen die in 1946 (1 jaar na oorlog) op straat rondzwerft. Hij wordt lid van de verkeerde jeugdbendes en moet met 16 naar een opvoedingsgesticht. Bij vrijkomst wordt hij arbeider en werkt dan ook korte tijd in West Duitsland. Met 19 krijgt hij wegens smokkel 3 jaar gevangenisstraf. Na zijn voortijdige vrijlating vindt hij werk in een papierfabriek en als stoker bij de stadswasserij. Vanaf 1956 wordt hij volkscorrespondent voor een communistische krant en betreedt hij langzaam de schrijverswereld.

De communistische partij van de DDR vat het plan op om een nieuw soort arbeiders literatuur te stimuleren. Werner Bräunig grijpt zijn kans en begint aan een grote 2-delige roman over het na-oorlogse Duitsland. Hij wil de ontwikkeling van Oost en West Duitsland beschrijven en komt na 5 jaar in 1965 met de eerste versie van deel 1 dat handelt over de jaren 1949-1952. Zijn arbeiders leken echter niet op het communistische ideaalbeeld van heldhaftige en trotse arbeiders. Ze waren hardwerkende mensen die met moeite hun hoofd boven water hielden en wars waren van politiek. De tijd na het werk werd besteed aan bekvechten in het café of moppentappen op de kermis. Ook zijn beschrijving van de verlammende druk van Sovjet partner Rusland valt niet in goede aarde. De eerste drukproef wordt afgekeurd wegens Beleidigung der Werktätigen und der sowjetischen Partner. Bräunig paste zijn tekst niet meer aan en schreef geen romans meer. Hij werd broodschrijver en hield het bij essays, filmscenario’s en reportages. Als menig schrijver grijpt hij naar de alcohol en sterft in 1976 op 42 jarige leeftijd. Pas 31 jaar later wordt zijn roman in 2007 uitgegeven en genomineerd voor de Leipzig Boekprijs.

 

Rummelplatz

 

Rummelplatz is een dik boek van ruim 600 pagina’s en had nog dikker moeten worden. Het is duidelijk een voorlopige versie en Bräunig laat de nodige losse eindjes hangen. Dat is ook niet zo vreemd als je zoveel personages opvoert en ook nog wilt dat er onderlinge banden zijn. Het verhaal begint in het Oostduitse Bermsthal op de nacht van 12/13 oktober van het jaar 4 na Hitler (1949). Op dat moment is de DDR ontstaan omdat toen de provisorische grondwet werd aangenomen. Na de verschrikkingen van de oorlog zijn de mensen naar hun verwoeste steden teruggekeerd en gaan vervolgens werken in een mijn die veel op een concentratiekamp lijkt. Voor de Oost Duitsers is het net nog iets erger omdat zij ook nog de druk van de Russische overheersing erbij krijgen. De arbeiders moeten zo hard werken dat ze met 50 jaar al hun einde voelen naderen. Na 1/5 van de 600 pagina’s  waaiert het verhaal over de rest van Duitsland uit. Per hoofdstuk komen er nieuwe personages bij die worden afgewisseld in heden en verleden. Bräunig bevindt zich in hun hoofd en kan de gedachten lezen. Een aantal personages komt regelmatig terug. Voor de duidelijkheid heb ik in deze samenvatting de belevenissen per persoon gegroepeerd.

De vijftiger Herman Fischer opent het boek. Hij is partijsecretaris en opzichter van de uraniummijn die door Rusland wordt aangestuurd. Na Hiroshima heeft Rusland haast en is kernenergie een kwestie van leven of dood. Zijn vrouw is overleden en hij woont samen met zijn dochter Ruth die in de papierfabriek werkt. Hij ontvangt 2 nieuwe arbeiders (Christiaan & Peter) die een kamer delen en wiens lotgevallen een groot deel van de roman vormen. Als de Communistische partij de touwtjes te strak trekt en de productienorm met 10 % verhoogt, breekt er een volksopstand uit. Herman Fischer probeert met een redevoering de oude partijnormen onder de aandacht te brengen maar wordt neergeslagen en overlijdt voor hij een dokter bereikt.

Christiaan Kleinschmidt is een jonge aristocraat die, voordat hij gaat studeren, 1 jaar als arbeider wil werken. Na een zwaar begin went hij aan het fysieke werk in de claustrofobische mijngangen. Zijn verslaving om delen van de wanden af te kalven met de drilboor wordt indringend beschreven. Hij geniet van zijn prestaties, de gang vergroot zich, de aders worden zichtbaar en de vereiste dagproductie overtroffen. Aan het eind  van zijn jaar krijgt hij het aanbod een jeugdbrigade te leiden. Hij weigert in eerste instantie maar kan zijn ijdelheid niet bedwingen. Als de directeur een spoedklus heeft accepteert hij en moet daarvoor eerst partijlid worden. Zijn jonge ploeg raakt in een productiestrijd met de oude garde die uit sabotage hun luchtslangen doorsnijdt. Als zijn vriend Peter Loose wordt neergeslagen stopt Christiaan ermee en keert terug naar huis waar hij gaat studeren.

Zijn vriend Peter Loose is een ongeschoolde vrouwenversierder die langzaam serieus wordt. In de concurrentiestrijd van Christiaan wordt hij neergeslagen en opgenomen in het ziekenhuis. Op zaal hoort hij de meest verschrikkelijke oorlogsverhalen. Na 6 maanden is hij hersteld maar wordt afgekeurd voor het werk in de mijn. Hij verheugt zich op de vrijheid maar krijgt te horen dat hij zijn contract tot 1953 moet uitdienen. Ze willen hem bij steenstort plaatsen maar hij weigert en krijgt als compromis een chauffeurs opleiding. Voor zijn vrije tijd koopt een DKW motorfiets en maakt met zijn vriendin tochtjes door de omgeving. Ze vinden altijd wel een feest waar ze dansen en plezier maken. Peter houdt van moppen tappen maar merkt dat hij voortdurend in de gaten wordt gehouden. De partij dringt verder de maatschappij in en zelfs onder vrienden zijn verklikkers. Als er op een feest te wild wordt gedanst grijpt de ordedienst in. De zaak loopt uit de hand en Peter wordt gearresteerd. De pers spreekt de volgende dag van oproerkraaiers en openlijke geweldpleging die de kop moet worden ingedrukt. Als Peter na een maand voorarrest tegenover de rechter staat blijkt die een dossier te hebben met al zijn opruiende grappen over het regime.

Ruth Fischer werkt in de papierfabriek van Bermsthal en wordt daar na veel weerstand de eerste vrouwelijke machinist die een eigen papiermachine aanstuurt. Ze mag met haar collega’s op vakantie naar een partijhuis op een eiland in de Oostzee en wordt daar verliefd op de verlegen personeelschef Nickel. Ruth wordt uitgenodigd voor het districtsbestuur van de partij. Ze weigert omdat ze eerst haar werk als machinevoerder wil afmaken. Ze krijgt daar onenigheid over met haar vriend Nickel.

Irene Hollenkamp is een aristocratische studente en de nicht van Christiaan. Ze woont in West Duitsland en gaat met haar verloofde de journalist Martin Lewin naar het familiehuisje aan de Rijn. Ze probeert het wel maar kan toch niet aarden in het intellectuele schrijversmilieu. Hij vertrekt voor een correspondentenbaan in Berlijn en zij gaat terug naar huis waar ze weer opgenomen door haar eigen milieu. Zie krijgt een verhouding met de industrieel Hilmar Servatius wiens vader Nationaalsocialist was. Ondertussen loopt Martin eenzaam door Berlijn en raakt gedesillusioneerd. Hij kan niet kiezen tussen kapitalisme en communisme.

Daarnaast zijn er vele andere personages die al dan niet uit de verf komen.
Paul Zacharias is een oude partijman die in Leipzig woont. Hij mijmert over de tekortkomingen van het systeem en mist de bezieling bij de jongere generatie. Hun uitgangspunt is een gegeven terwijl het voor de ouderen een hard bevochten overwinning is.

De Russische mijndirecteur Polotnikov gaat voor vakantie terug naar huis en ontmoet zijn broer Dimitri die in strikte geheimhouding als natuurkundige aan de oplossing van het atoomprobleem werkt.

Ingrid Zellner staat achter de bar van het mijnwerkerscafé. Ze moet de mannen van zich afslaan en pikt Peter Loose eruit.

 

Sovjet poster 1917

Lebowski Publishers heeft na Stoner opnieuw een vergeten meesterwerk gevonden. Na de karakteristieke kop van Stoner komt omslagontwerper Dog and Pony nu met een metaalarbeider. Zonder bronvermelding wordt er een Sovjet poster uit 1917 voor gebruikt. Als je goed kijkt herken je Lenin in de man met de hamer. Passend gekozen want de communistische druk is het belangrijkste thema van Rummelplatz.

Bräunig laat goed zien hoe de kloof tussen Oost en West Duitsland geleidelijk ontstaat. In de eerste jaren na de oorlog zijn er nog veel overeenkomsten.  De Oostduitsers vinden het westen rijk en ver weg  maar voelen een grote verwantschap. In 1946 ontstaat de Socialistische Einheitspartei Deutschlands (SED ) uit het samengaan van de socialistische en de communistische partij. De Freie Deutsch Jugend (FDJ ) is de fanatieke jeugdbeweging van die partij. Vooral door de onzichtbare invloed van de SED groeien de landen uit elkaar. In het westen heeft er geen samensmelting met het communisme plaatsgevonden en blijft de sociale democratie intact.
Duitsland ligt in puin maar er zijn zoals altijd ook voordelen. Opbouwen is natuurlijk altijd beter dan het vernietigende oorlogsgeweld. Het is overduidelijk wat er moet gebeuren en de bouwsector floreert. Het normale leven wordt bijna achteloos weer opgepakt, de mensen hebben een kort geheugen. De nationaalsocialisten worden wel herkend maar blijven maatschappelijk actief. De elite blijft de elite en de arbeiders krijgen het beter dan voor de oorlog. In West Duitsland gaat de wederopbouw sneller door de steun van de geallieerden die een buffer tegen Rusland willen opbouwen. Veel Oost Duitse experts worden door het westen weggekocht. De DDR blijft met het lage kader zitten en de partij grijpt zijn kans door de vrijgekomen staffuncties alleen voor partijleden beschikbaar te stellen. Als het communisme wil slagen moet het eerst de mondige burgerstaat vernietigen. Er ontstaat dan automatisch een dictatuur waar regeren over personen verandert in het beheren van zaken en leiden van productieprocessen. De Partij stelt de productiedoelen vast en verhoogt die steeds opnieuw tot de grens van het mogelijke. De arbeiders komen in opstand en de Russische tanks staan klaar om de belangen van de partij te verdedigen.

Bijna altijd zijn de ontknopingszinnen mooier dan ik me herinner. Het is een genoegen om de sfeer van het boek weer terug te halen.

De kermis, dacht hij, wat vriendelijkheid en hartelijkheid en de anderen, die we nodig hebben om zelf te bestaan. Klatergoud, papiermaché, de kermis – altijd in een kringetje. Je stapt in de schommel en schommelt omhoog tot boven het dode punt, maar je komt altijd weer omlaag en alles is gebleven zoals het was.        92

De winter daalde neer uit de bergen en blies sneeuwwolken voor zich uit, die hun buik open haalden aan de bergspitsen. Witte straten, dicht gesneeuwde paden. Overdag kroop hij krakend over de akkers, ’s nachts trok hij de sterrenhemel strak.          114

Alleen Zebaoth was op de hoogte. Zebaoth kon het gras horen groeien, dat was bekend.      122

Honend rees de loze gevel van een van de kazerneachtige panden op waarmee de nationaalsocialisten hun kortdurende woningbouwprogramma waren begonnen; de sneeuw lag als een gescheurde lijkwade over de ruïnes.     133

Al die boeken daar zijn net berouwvolle zondaars die het leven voorgoed de rug hebben toegekeerd. Ze lijken zich te schamen, alsof ze betreuren dat ze geschreven zijn. Al die verwachtingen, die pretenties, dat onmetelijke geduld en die noeste vlijt!       141

En ook dat kon hij niet vinden, omdat hij zichzelf niet vond.          162

Voor hem verloor de muziek na Mozart haar architectonische helderheid. …. Als ik Beethoven hoor, heb ik het gevoel dat er een locomotief op me afkomt.        183

Daar zaten ze aan hun tafels, lieten zich vollopen met bier, leefden van warme worst en geruchten, van skaat en altijd weer dezelfde grappen, in de driehoek tussen bier, barak en boorhamer, dag in, dag uit.      229

…. anderzijds kon je je afvragen of die mensen geen recht hadden op wat overdrijving en extravagantie na alles wat ze achter de rug hadden aan oorlogservaringen, dood en naoorlogse ellende.         325

Olga was een van die vrouwen die Polotnikov verlegen maakte………..Hij had het gevoel dat hij een verlicht podium betrad, waar hij werd gadegeslagen door een deskundig publiek met hoge verwachtingen.           368

In Duitsland hoef je maar met een plausibele verklaring te komen of de mensen zijn gerustgesteld.      369

De telefoon ging in alle onschuld over.    379

Ooit had ze gedacht dat liefde iets was dat de wereld compleet veranderde – dat was lang geleden. De aarde draaide door, er was blijde verbazing overheen getrokken die alles even had aangeraakt, het was niet meer dan een vleugje, maar het was genoeg om de wereld met frisheid te vullen.           401 (gedachten van Ruth)

Maar zij was jong, zij zag overal om zich heen het woest opbruisende leven in het eerste jaar na de oorlog, het heden dat alle aandacht opeiste en een stolp over het verleden zette.        403

Kom je ’s avonds thuis, kun je je zakken leegschudden, het geld vliegt erdoor en madam weegt je ding op een brievenweger na om te kijken of je soms vreemdgaat.         427

Toch moet je altijd door, altijd daarheen waar alles nog onzeker is, of bijna alles, en je moet erop vertrouwen dat je datgene wat net haalbaar lijkt ook bereikt, en meer.    430

 

bracc88unig

 

 

Advertenties

From → literatuur

Geef een reactie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: