Skip to content

blikveld 2017 – 1

Advertenties

John Grisham – Het Testament – 1999

Uit vaderliefde klim ik voor John Grisham één keer uit mijn literaire toren. Mijn dochter en haar vriend zijn verknocht aan spannende romans en lezen zich gestaag  door zijn oeuvre heen. Ze moeten doorzetten want hij is ondertussen in 2017 al bij deel 36 aangeland. Ik had natuurlijk vaak van de naam Grisham gehoord maar nooit serieus overwogen om hem te lezen. Hij was vooral bekend van de films die van zijn boeken zijn gemaakt. Ze behoren tot het beste uit het rechtbank genre. In The Devil’s Advocate (Taylor Hackford – 1997) komt de jonge advocaat Keanu Reeves in de ban van zijn baas Al Pacino die de duivel en zijn vader blijkt te zijn. In Runaway Jury (Gary Fleder – 2003) verdient John Cusack zijn geld door zich als jurylid te laten omkopen. In The Rainmaker (Francis Ford Coppola – 1997) leert Matt Damon van Danny de Vito om bij ziekenhuizen zijn eigen werk te creëren door patiënten tot schadeclaims te bewegen. In A time to kill (Joel Schumacher – 1996) verdedigt Matthew McConaughey de de schuldige Samuel Jackson en krijgt de jury zover dat ze hem vrijspreken voor doodslag. In The Pelican Brief (Alan Pakula – 1993) onderzoeken Julia Roberts en Denzel Washington de moord op twee rechters. Het zijn geoliede Hollywood machines waarvan vooral het verhaal je op het puntje van je stoel houdt. Kan een schrijver die de grondslag legt voor zulk hoogwaardig juridisch vermaak er in zijn romans nog een laag aan toevoegen?

John Grisham (1955) woont zijn hele leven in de Zuidelijke staten van Amerika. Hij studeerde voor accountant en voegde daar rechten aan toe. Werkte 10 jaar als jurist en was van 1983 tot 1990 afgevaardigde voor Mississippi.  Uit een dagboek tijdens zijn studie ontwikkelde zich een schrijfbehoefte en in 1988 komt zijn eerste roman A time to kill uit. Met de tweede The firm breekt hij in 1991 groots door met 7 miljoen verkochte exemplaren. Sinds die tijd volgt er ieder jaar op zijn minst een boek. Aan de foto was het al te zien dat we met een doener te maken hebben.

Voor boeken waar vooral het verhaal telt kies ik het beste boek waarvan ik de film niet heb gezien. Er zijn voldoende favorietenlijstjes op internet en Het testament scoorde goed en had daarnaast best een interessant verhaal. Het liefst lees ik origineel in het Engels maar mijn dochter heeft juist dit deel nog niet haar kast staan. Mijn geduld is klein als ik in de kringloopwinkels voor €1,- Grishams voor het uitkiezen heb. En wat nog het vreemdst is ga het thuis ook meteen lezen.

Troy Phelan bezit $11 miljard en is de dood nabij. Zijn 3 vrouwen en 7 kinderen verlangen naar hun erfenis. Om zeker van hun zaak te zijn schakelen ze 3 psychiaters in die moeten verklaren dat Phelan tijdens de openbaring van het testament bij verstand is. Bij de zitting hint de erflater naar een testament waarin de familie zijn deel krijgt en dat het over een maand wordt geopenbaard. Na de zitting trekt hij zich terug en ondertekent een ander handgeschreven testament en pleegt zelfmoord door van het dak af te springen. In het laatste document wordt iedereen onterft en gaat zijn hele kapitaal naar een onbekende buitenechtelijke dochter. Zij is een kerkelijk ontwikkelingswerkster voor World Tribes en leeft bij een amper ontdekte indianenstam in de Pantanel op de grens van Brazilië en Bolivia. In de maand tot openbaring koopt de familie op afbetaling als de gretige leeghoofden die ze zijn. Na de maand komt het tweede testament als een schok en alleen de advocaten zijn blij met het vooruitzicht naar alle gerechtelijke procedures.

De advocaat van Phelan draagt zijn partner Nate O’Riley op om de erfgename in Zuid Amerika te gaan zoeken. Hij vaart met een gids het moerasgebied in en vindt Rachel betrekkelijk snel. Ze is 42 en wil als arts de inboorlingen bijstaan en waar mogelijk bekeren. Een zendeling van de oude orde dus die totaal niet om geld geeft en de erfenis afwijst. Op de terugweg krijgt Nate de dengue koorts, wordt opgenomen in een erbarmelijk ziekenhuis dat hij maar net op tijd kan ontvluchten.

In Amerika huren de advocaten van de erfgenamen opnieuw 3 psychiaters in om Phelan vanwege zijn zelfmoord ontoerekeningsvatbaar te laten verklaren. De butler van Phelan  is kwaad dat hij na 30 jaar dienst niets erft en is bereidt om voor $5 miljoen valse verklaringen te verstrekken. Ieder van de 7 kinderen heeft een eigen advocaat die $ 600 / uur rekent. Sommige hebben een deal gemaakt voor een deel van de erfenis/ schade. Als de advocaat tijdens het proces wordt ontslagen zal hij wel zijn een uren declareren. Ze rekenen er allemaal op dat de zaak niet voor de rechter komt maar met een schikking wordt afgehandeld. Zes maal €20 miljoen valt in het niet op een vermogen van $12 miljard.

Nate werpt zich op als advocaat van Rachel en begint voorafgaand aan de rechtszaak aan de getuigenverhoren onder ede. Hij neemt zijn tijd en haalt alle vuile details naar boven. De butler kan zijn belofte niet waarmaken en valt door de mand en de erfgenamen hebben daarmee geen zaak meer. Maar omdat een jury uitspraak nooit is te voorspellen wordt er geschikt en ieder kind krijgt $ 50 miljoen. Sommige advocaten hebben met hun cliënten 30 % afgesproken en krijgen dus $ 15 miljoen. Nate is een beetje verliefd geworden op Rachel en keert terug om haar het nieuws te brengen. Zij blijkt echter overleden en hij vindt niets meer dan haar graf.

Grisham schrijft zijn romans alsof het filmscripts zijn. Die van Het Testament is nog niet gemaakt maar is volgens IMDB wel in voorbereiding. Een speelduur van 2 uur past beter bij de diepte van het verhaal dan mijn leestijd van 16 uur. De alcoholicus Nate is een mooie anti-held waar mee geïdentificeerd kan worden. Zijn love interest Rachel is de goede fee die hem weer op het rechte pad zet. Het kwaad in de vorm van de advocaten met hun domme erfgenamen, de excentrieke miljardair in zijn dure penthouse en de rimboe van Brazilië doen de rest. De scenarist hoeft maar te kiezen uit de vele mogelijkheden. De wisselende actie tussen de speurtocht van Nate en het thuisfront met de erfgenamen kunnen zo gemonteerd worden. En de met name genoemde Sikorsky 76 C helicopter of het Gulfstream IV privé vliegtuig staan al klaar bij het prop-department.

Maar wat in een film werkt is niet genoeg voor een literaire roman. Thomas Rosenboom schrijft in zijn essay  Aanvallend Spel (2002) dat ieder literair boek een probleem moet hebben waarbij de actie die het oplost weer nieuwe problemen vooroorzaakt. De problemen worden in het boek geboren en daar ook weer opgelost. Daarnaast moeten de belangrijke personages uit een interne motivatie handelen.
Niets van dat al bij Het testament. De personages worden van buiten af door een behoefte naar geld aangestuurd. De honger is zo groot dat het bijna een interne motivatie lijkt. Alleen Nate komt door zijn alcoholproblemen in de buurt van een literair karakter. Het levert meteen de enige ontknopingszin van het boek op: Hij zag de rijen drankflessen, allemaal vol en ongeopend, whiskey en gin en wodka, allemaal in het gelid als kleine soldaatjes in mooie uniformen(112). Eens een alcoholicus, altijd alcoholicus. Nate reist vanuit de ontwenningskliniek naar Brazilië. Hij drinkt daar in één onoplettend ogenblik een biertje en gaat direct naar de drankwinkel voor 2 literflessen wodka. Onder invloed van Rachel stelt hij zich open voor God en terug in Amerika verdiept zijn geloof en knapt hij zelfs samen met de dominee van zijn woonplaats een gemeenschapsruimte op. Maar zijn bekering wordt niet geduid. Het zal wel Amerikaans zijn om godsdienst voor vanzelfsprekend te nemen. 

Grisham heeft een negatieve boodschap en in zijn wereld is weinig plaats voor gutmensen.  Hij kan schrijven maar zijn stijl is functioneel en te betweterig ondersteund met feiten en weetjes. What you read is what you get. Zoals uit zijn foto blijkt gaat hij recht op zijn doel af en twijfelt weinig. Met meer dan een boek per jaar kan je ook niet teveel herschrijven. Bij spannende boeken weet je ook niet hoe groot de invloed is van de vertaler. Uitgeverij Bruna zal de schrijfstijl minder in de gaten worden gehouden dan De Bezige Bij. Ik zal er nooit achter komen want ik laat het bij deze ene Grisham. Het was een leuk uitje maar het wordt weer tijd om terug te keren naar mijn literaire toren waar meer gewikt en gewogen wordt.

 

Marcel Proust 5 – De gevangene – 1923

Weinig schrijvers krijgen van mij zoveel krediet als Marcel Proust.  Hij lijkt een beetje op een ver familielid die je geduldig en begripvol tegemoet treedt wanneer je eenmaal per jaar op visite gaat. In je herinnering is het een aardige en ontwikkelde man waar je veel van hebt geleerd. Bij de ontmoeting blijkt dat hij gedeeltelijk door de tijd is ingehaald. Bepaalde facetten van zijn gedachtegoed zijn ouderwets en soms incorrect. Maar voor familie wordt veel met de mantel der liefde bedekt. Vooral als er sprake is van een overdadige woordenstroom waar zoveel meer te waarderen valt. Door je zo min mogelijk te storen blijft de sfeer goed en keer je tevreden terug naar huis. Blij dat de visite geslaagd is en de relatie in stand blijft. Tevreden dat de aangegane verplichting voor een jaartje is vervuld en je weer tot de orde van de dag kunt overgaan.

Ik herlees ieder jaar één deel van Op zoek naar de verloren tijd van Marcel Proust (1871-1922). Tegelijkertijd bewerk ik de aantekeningen van het vorige deel tot een blog. Het is een fijn ritueel om die verloren tijd weer levend te maken. Proust lezen is een oefening in onthaasting en concentratie. Bij de eerste pagina’s zijn de lange zinnen nog stroef en moeten regelmatig worden overgelezen tot de inhoud wordt begrepen. Maar geleidelijk aan ga ik me verheugen op die korte meditatie momenten. Ik kan per dag niet meer dan 3 x 6 pagina’s aan. Het is een mentale fitnesstraining waarbij de geest opfrist en zich optimaal opent. Omdat het verhaal amper van belang is kun je lekker haastloos alle zijsporen en associaties volgen. Deel 1 van De gevangene beschrijft slechts een paar dagen van Marcel die nu voor het eerst ook bij naam wordt genoemd. Hij woont in zijn ouderloze huis samen met zijn vriendin Albertine. Zijn geest schakelt volkomen willekeurig tussen voorvallen, gedachten en associaties. Van zin tot zin volg je zijn gedachtestroom en je weet nooit wanneer de beloning komt. Het wonder van de onthulling en ontknoping kan bij iedere volgende zin geschieden. Deze latere Proust vraagt wel meer aandacht. Zijn uitweidingen nemen de overhand en lijken soms zo ondoordacht dat je denkt een drukproef te lezen. Redigeren was vroeger in de analoge wereld een tijdrovende bezigheid van schrijven en overschrijven. Proust werkte vanwege zijn gezondheid onder tijdsdruk en stierf vlak nadat de laatste regel geschreven was. Hij streepte veel door en plakte stroken in zijn manuscript voor de tussengevoegde zinnen. Dit vijfde deel (van zeven) werd in 1923 één jaar na zijn dood uitgeven.  Het is pas 70 jaar later door Thérèse Cornips voor de Bezige Bij vertaald en voor de eerste keer in 2 delen in 1991 en 1993 uitgegeven met de mooie omslagen van Wout Muller. Ik kreeg ze tegelijk in 1995 van Sinterklaas en heb ze een paar jaar later gelezen. Het zijn dunne boeken van respectievelijk 191 en 245 pagina’s. Ze werden later, toen de serie compleet vertaald was net als in het Frans in één boek uitgegeven.

We worden met het hoofdpersonage Marcel wakker in zijn ouderlijk huis in Parijs. Hij kan aan de straatgeluiden horen wat voor weer het is. Zijn ouders zijn met vakantie in Combray en zijn vriendin Albertine woont bij hem in. Zij mag hem ’s ochtends niet storen en is al weg met haar vriendinnen. Ze hebben een liefdesrelatie maar nu zij volledig in zijn bezit is kan hij niet meer van haar houden. Hij wordt jaloers als ze alleen de deur uitgaat en is bang voor overspel. Marcel gaat naar zijn buurvrouw Duchesse Guermantes voor kledingtips die hij voor Albertine kan laten maken. De gravin coquetteert met haar boerse uitspraak en heeft alle tijd voor Marcel. Op weg terug naar huis komt hij op de binnenplaats Baron de Charlus en de violist Charlie Morel tegen. De heren overwegen dat een huwelijk van Morel met de nicht van Jupien een goede dekmantel zal zijn voor hun homofiele relatie.
Als Albertine thuis komt vraagt hij aan haar vriendin Andrée waar ze geweest zijn en wie ze hebben ontmoet. Albertine valt vermoeid van de dag op zijn bed in slaap en hij kan volledig van haar genieten. Zijn jaloezie verdwijnt en hij ziet een andere Albertine dan degene die hij zich herinnerde. Als hij later hoort dat zij de volgende avond naar de soiree van Mme Verdurin wil gaan komt zijn jaloezie weer terug. Marcel probeert de visite te voorkomen omdat hij vermoedt dat de dochter van de componist Vinteuil speciaal voor haar ook komt. Hij haalt Alberine over om naar het matinee in het Trocadéro te gaan.

Marcel ontwaakt opnieuw en hoort in de geluiden van de straatverkopers aria’s van opera’s. Albertine komt bij hem en ze praten op de manier van verliefden terwijl ze dat niet meer zijn. Ze bedenken maaltijden die ze van de aangeboden waar kunnen bereiden. Albertine vertrekt naar het matinee en Marcel gaat voor het raam staan en wordt van afstand verliefd op de passerende dienst- en winkelmeisjes. Hij vraagt aan huishoudster Françoise om ze waar mogelijk naar zijn kamer te sturen. Een melkmeisje valt van dichtbij tegen en hij verzint een boodschap voor haar. Daarvoor zoekt hij een adres op in de Figaro en ontdekt dat Lea optreedt bij het matinee waar Albertine naar toe gaat. Meteen slaat zijn jaloezie weer toe en hij pijnigt zijn geheugen over eerdere ontmoetingen tussen Lea en Albertine. Hij geeft huishoudster Françoise opdracht om Albertine bij hem te brengen onder het mom dat hij onwel is geworden. Ze telefoneren al snel dat ze eraan komen en Marcel is weer even gerustgesteld. Hij neemt achter de piano plaats en speelt de Sonate van Vinteuil. Hij herkent daarin Wagners Tristan en mijmert nog wat door over de grootheid van de meester van Bayreuth. Als Albertine thuiskomt gaan ze meteen uit rijden en Marcel realiseert zich wat hij allemaal mist door zijn relatie met Albertine. Hij kan daardoor niet naar Venetië en alle meisjes op straat zijn onbenaderbaar. Maar hij realiseert zich ook dat die meisjes juist mooi worden doordat hij gebonden is aan Albertine. Aan het eind van deel 1 sterft de schrijver Bergotte terwijl hij voor Het gezicht op Delft van Vermeer zit en naar het gele stukje muur kijkt. Marcel realiseert zich dat hij net zo gelaagd moet schrijven als Vermeer schilderde.

Marcel laat Albertine thuis achter en gaat naar de soiree van Mme Verdurin. Hij komt eerst Charlie Morel tegen die erg bedroefd is over zijn verloving met het nichtje van Jupien en zijn relatie met Baron de Charlus. Vervolgens ontmoet hij de tekstgeleerde Brichot die nu ondanks de oogoperaties bijna blind is. Ze worden aangesproken door Baron de Charlus die schaamteloze grapjes maakt over hun vermeende homofiele relatie. De baron is een oude uitgebluste man geworden die opvallend te koop loopt met zijn geaardheid. Zijn voornaamste bezigheid is het promoten van zijn protegee Charlie Morel. Het feit dat Morel ook vrouwelijke relaties heeft maakt hem niet jaloers maar geeft juist meer glans aan zijn liefde. De door Charlus geïntroduceerde vrienden die naar Morel komen luisteren hebben geen ontzag voor Mme Verdurin en overheersen haar soiree. Morel speelt een septet van Vinteuil en Mme Verdurin gaat er met een air speciaal voor zitten. Ze wordt genegeerd en alleen de koningin van Napels is aardig en geïnteresseerd in haar. Marcel wordt weer jaloers als hij hoort dat de dochter van Vinteuil heeft afgezegd en denkt dat het vanwege Albertine’s afwezigheid is. Mme Verdurin is kwaad op Charlus en probeert hem en Morel uit elkaar te drijven. Alleen vriendschappen binnen haar salon zijn toegestaan en daarbuiten mag er niets meer gebeuren. Ze vindt dat Morel moet kiezen tussen haar en de baron. Brichot en Marcel moeten de baron aan de praat houden zodat zij Morel kan bewerken. Hij is zo onder de indruk van haar argumenten dat hij meteen afstand van Charlus neemt. Deze is verbijsterd en zou in eigen kringen als een razende tekeer zijn gegaan. Nu als aristocraat onder burgers kijkt hij beteuterd om zich heen en wordt gered door de koningin van Napels. Zij is teruggekomen voor haar vergeten waaier, herkent Mme Verdurin niet meer en kiest resoluut partij voor haar eigen aristocratische milieu.  Charlus kan geen wraak op de Verdurins nemen want hij krijgt even later een longontsteking en zweeft wekenlang dicht bij de dood. Hij verliest zijn scherpe randjes en zijn teloorgang zet door.
Marcel is tevreden dat Albertine thuis op hem wacht maar vindt het ook vervelend om niet in een leeg huis terug te keren. Albertine is kwaad dat Marcel alleen naar Mme Verdurin is gegaan en ze krijgen woorden over zijn  jaloerse insinuaties omtrent Mle Vinteuil. Albertine verspreekt zich dat ze soms vrij wil zijn en Marcel probeert zijn pijn te maskeren door de liefde te beëindigen. Hij zegt dat ze vanavond al afscheid moeten nemen en zij de volgende ochtend zonder hem te zien moet vertrekken. Hij speelt blufpoker want hij wil juist dat ze het weer goedmaken. Hij houdt het lang vol en pas als Albertine echt denkbeeldig afscheid neemt van haar kamer komt hij met het voorstel om het nog een weekje aan te zien. Ze gaan terug naar hun kamers en als Marcel haar 5 minuten later opzoekt is zij al in slaap gevallen. De volgende ochtend wordt het oude leven van bezitten en jaloezie doorgezet. Marcel denkt weer over Venetië en Albertine houdt van hem als de onschuld zelf. De winter gaat voorbij en het komt weer goed tussen hen. Als Marcel plannen gaat maken om zonder afscheid naar Venetië af te reizen blijkt dat Albertine ’s ochtends om 9:00 voorgoed vertrokken is. Marcel voelt zijn hart ineen krimpen en merkt dat hij weer verliefd op Albertine is geworden.

Het hoofdthema van De gevangene is de koppeling tussen de liefde en de jaloezie. Volgens Proust kan het een niet zonder de ander bestaan. De jaloezie is een gevolg van de liefde en zonder die jaloezie zou de liefde niet kunnen bestaan. Alleen als Marcel weet dat Albertine thuis is kan hij haar vergeten en naar andere vrouwen kijken. Als ze zonder hem op stap is moet hij constant denken hoe ze ontmoetingen heeft met potentiële concurrenten.

Ik voelde dat mijn leven met Albertine enerzijds, wanneer ik niet jaloers was, niets dan een last was, anderzijds, wanneer ik jaloers was, niets dan leed.    2-224

In de Franse titel La Prisonnière is de gevangene vrouwelijk dus is Albertine die gevangene. Maar Marcel blijkt net zo goed een gevangene te zijn. Hij kan alleen maar van iets houden dat hij niet bezit. Door zijn jaloezie denkt hij haar te verliezen en gaat hij weer van haar houden. Maar ook als zij veilig thuis is voelt hij zich in zijn vrijheid beknot om naar andere vrouwen te kijken. Het is precies dezelfde relatie als tussen Swann en Odette in Een liefde van Swann. Daar werd eerst Swann verliefd en verloor zijn interesse toen hij Odette veroverd had en zij op hem verliefd was.

Liefde, zowel in smartelijke onrust als in gelukkige begeerte, is aanspraak maken op alles. Zij ontstaat en duurt zolang er een deel te veroveren overblijft. Men heeft alleen lief wat men niet volledig bezit.     pag. 105

Filosofisch kan ik me zeker wel vinden in dat standpunt. Mijn liefde voor reizen, muziek, literatuur en fotografie is het ontdekken van nieuwe onbekende werelden. Zo gauw iets bekend is verdwijnt ook de interesse.  Het is een voortdurende zoektocht naar nieuwe impulsen en het nieuwe in het bestaande. Een dag zonder ontdekking is een dag niet geleefd. Het is best mogelijk dat dit een van de lessen is die Proust mij vroeger heeft geleerd. Want mijn instelling deel ik niet met iedereen. Vaak kunnen mensen juist genieten van het bekende en blijven ze bij hun voorkeuren die vroeger gevormd zijn. Ze zijn tevreden met hun wereld en kunnen die alleen maar verliezen.

De enige werkelijke reis, de enige verjongingsbron, zou niet zijn om naar nieuwe landschappen toe te gaan, maar andere ogen te hebben, de wereld te zien door de ogen van een ander, van honderd anderen, de duizend werelden te zien die ieder van hen ziet, die ieder van hen is; en dat kunnen zij met een Elstir, met een Vinteuil, met huns gelijken, dan vliegen wij werkelijk van ster tot ster.      (pag 2-80 – Elstir is schilder en Vinteuil componist)

Bij het overtypen van de ontknopingszinnen ontdek ik weer hoe vrouwonvriendelijk Proust soms kan zijn:

Zo zei ze naar aanleiding van wat dan ook “O ja! Is dat heus?” Had zij, zoals Odette gezegd: “Is dat heus waar, die grote leugen?”, dan had ik mij er zeker niet om bekreund, want alleen al het absurde van die formulering duidde op de stupide oppervlakkigheid van het vrouwelijk brein.     (pag 18/19).

…….. Maeterlinck (die zij overigens nu bewonderde, met de zwakheid van vrouwenhersens, gevoelig door die literaire modes die laat doorstralen) ……  32

Zulke uitspraken passen niet in de huidige tijd en kunnen lezers van zijn oeuvre vervreemden. Komen ze voort uit de eigen homofiele bewustwording van Marcel Proust in een tijd waar men daar niet openlijk voor uit kon komen? Ik weet er te weinig van om een oordeel te vormen. Het is zeker ook een karaktertrek van de aristocratische wereld die Proust beschreef en die met WW1 verdween. Het is ongehoord te lezen hoe Marcel aan zijn huishoudster Françoise vraagt om een aardige melkmeisje ter inspectie naar zijn kamer te sturen. Als zij tegenvalt stuurt hij haar met een boodschap weg. Duidelijk de wereld van een boven- en onderklasse die gelukkig grotendeels verdwenen is.

Door Albertine op te sluiten had ik tegelijkertijd de wereld al die glanzende vleugels teruggegeven die er ruisen op wandelpaden, op bals, in schouwburgen, en die weer verleidelijk voor mij werden doordat zij niet meer zwichten kon voor hun verleiding.      1-175

Bijna weemoedig neem ik afscheid van dit deel. Met het overschrijven van de ontknopingszinnen komt weer veel schoonheid naar boven. Ook schoonheid die het niet tot citeren haalt en voorgoed verloren gaat. Proust blijft ongrijpbaar in zijn diepte en verwondering. Je zou hem keer op keer moeten herlezen met het gevolg dat je daarmee ook weer zoveel andere boeken uitsluit. Zijn bijzonderheid is ook alleen maar te ontdekken in vergelijking met andere levende Proustiaanse schrijvers als Javier Marias of Mircea Cartarescu.

Marcel is zelf van mening dat knappe vrouwen voor mannen zonder fantasie zijn. Het is dus niet nodig dat zijn Albertine het knapste meisje is. Bij het googelen stuitte ik op zijn inspiratiebronnen Louisa de Mornand  (eerste foto boven) en Élisabeth de Gramont (laatste foto boven). Jammer dat nu mijn fantasiebeeld verstoord is maar ook fijn dat ik dichter bij Proust kon komen.

Het blijft heel moeilijk om de ontknopingszinnen uit het verhaal los te peuteren. Ze zijn zo lang dat ze amper in totaliteit overgeschreven kunnen worden. Toch blijft het een noodzakelijk proces in de waardering van Proust. Want alleen in zijn dialogen en associaties is hij onnavolgbaar en uniek. Voortdurend kom je in de verleiding om door te typen tot je het boek van kaft tot kaft hebt overgeschreven. Ik merk ook dat ik bij herlezing andere zinnen op mijn bladwijzer noteer dan op de bladwijzer van de eerste keer staan.

Snobisme is een ernstige, maar gelokaliseerde kwaal van de ziel, die er niet geheel en al door wordt aangetast.       deel 1-12

…. omdat immers welzijn veel minder uit een goede gezondheid voortvloeit dan uit het onbenutte overschot van onze krachten, kunnen wij er, evengoed als door die te versterken, toe geraken door onze activiteit te beperken. Die waar ik van overliep, en die ik in mijn bed potentieel in stand hield, maakte mij springerig, inwendig steigerend, als een machine die, verhinderd om van zijn plaats te komen, om zijn as draait.       1-24

Over de naast hem slapende Albertine:
Ik die verscheidene Albertines kende in deze ene, ik leek er nog andere naast me te zien liggen. Haar wenkbrauwen, gewelfd zoals ik ze nooit gezien had, omgaven de bolle oogleden als een donzen ijsvogelnest. Rassen, atavismen, verdorvenheden rustten op haar gezicht. Telkens als zij haar hoofd verlegde creëerde zij een nieuwe vrouw, vaak niet door mij bevroedt. Ik leek niet één. maar talloze meisjes te bezitten. Haar allengs diepere ademhaling tilde haar borst nu regelmatig omhoog, en, erbovenop, haar handen, haar parels, op een andere manier verschoven door dezelfde beweging, zoals die bootjes, die meerkettingen, die de golfbeweging doet schommelen.   etc etc etc      1-70

Juist omdat de tederheid er noodzakelijkerwijs geweest moet zijn om het leed te baren – en er trouwens bij tussenpozen weer zal zijn om het leed te stillen – ……… zelfs daarna is de nu en dan terugkerende tederheid noodzakelijk om het leed dragelijk te maken en een breuk te voorkomen; en uit de ontveinzing van de geheime hel die samenleven met een vrouw is, zelfs met vertoon van een intimiteit voorgegeven als teder, …… 1-78

Het is vreselijk om andermans bestaan aan het zijne verbonden te hebben als hield men een bom vast zonder dat men hem los kan laten zonder misdadigheid.     1-183

De natuur lijkt vrijwel alleen in staat korte ziekten teweeg te brengen. Maar de wetenschap heeft zich de kunst om ze te verlengen toegeëigend.     185

Want van bepaalde begrippen maken wij ons een zo vergrote voorstelling dat wij die onverenigbaar zouden vinden met de vertrouwde trekken van een ons welbekend persoon. En wij kunnen moeilijk geloven in de ondeugden, zoals wij ook nooit zullen geloven in het genie, van iemand met wie wij de vorige avond nog naar de opera zijn geweest.        2-46

‘Ach mijn waarde, ik, u weet, ik leef in het abstracte, dit alles interesseert mij alleen vanuit transcendent oogpunt, ‘antwoordde hij (Charlus), met de kwetsbare overgevoeligheid eigen aan zijns gelijken, en de geaffecteerde hoogdravendheid die zijn conversatie kenmerkte.      2-127

…. ik voelde dat ik alleen een gesloten omhulsel raakte van een wezen dat van binnen tot het oneindige voerde. Hoe leed ik onder die positie waartoe de nalatigheid van de natuur ons heeft gebracht doordat zij er bij het instellen van de scheiding der lichamen niet aan heeft gedacht de interprenetratie van de zielen mogelijk te maken.        2-217   

 

Voor het voorafgaande zie:

Deel 1: De kant van Swann – 1913

https://erikgveld.wordpress.com/2013/03/04/marcel-proust-1-de-kant-van-swann-1913/

Deel 2: In de schaduw van de bloeiende meisjes – 1918

https://erikgveld.wordpress.com/2014/08/29/marcel-proust-2-in-de-schaduw-van-de-bloeiende-meisjes-1918/

Deel 3: De kant van Guermantes – 1920/21

https://erikgveld.wordpress.com/2015/04/20/marcel-proust-3-de-kant-van-guermantes-192021/

Deel 4: Sodom en Gomorra – 1921/1922

https://erikgveld.wordpress.com/2016/07/08/marcel-proust-4-sodom-en-gomorra-19211922/

woordbeelden 11-20

Op het doodlopende Tjotterspad in de jachthaven van het Nieuwe Meer lijkt het land op het water gewonnen. De auto moet zich aanpassen en krijgt als rustplaats een vlondertje tussen de jachthavenhuisjes. De kabouterwoningen lijken bij elkaar te horen maar zijn waarschijnlijk alleen door de inhoud van een pot verf met elkaar verbonden. De houten parkeerplaats is een voorbode van de steigerpaden aan de achterzijde. Daar is het water de baas en zijn de gevels van de huisjes geopend voor toetreding van licht en lucht. Niet voor pottenkijkers want de bewoner is er graag op zijn anarchistische gemak. Hij kan ieder moment vertrekken voor zijn maatschappelijke ontsnapping naar de vrijheid van het Nieuwe Meer.

Op de bovenste verdieping van museum De Hallen in Haarlem is de kunstmatige kunst vervangen door de werkelijke kunst. Het daklandschap toont een surrealistische wereld waar de ordening lukraak lijkt. De plaatsbepaling is het resultaat van interne bouwkundige processen die technici noodzakelijk achtten. Op het knooppunten van de gebouwen ontstaat een samenraapsel van ongeïnteresseerde uitstulpingen en doorboringen. Zelfs een trapje heeft opeens een doel dat de buitenstaander volledig ontgaat. Alleen de sneeuw weet heel vanzelfsprekend waar hij mee bezig is en bedekt alles liefdevol onder dezelfde deken.

De winter heeft een witte kathedraal in het Amsterdamse Bos gebouwd. Hij staat er dit jaar maar één zondagochtend en we moeten vroeg zijn om hem te bezoeken. Als een wonder ontvouwt hij zijn gracieuze takgewelven en toont achter de lage zijbeuken zijn hoge middenschip. De toegangspoort lijkt alleen geopend voor hondenbezitters maar ook wij fotografen zijn welkom. De kolommen staan dicht op elkaar en zijn gevarieerd ontworpen. Alleen het dwarspad is verhard en de bezoekers vinden hun plek tussen de bomen. Ze ontlasten daar lichaam en geest voor ze via de achterkant vertrekken.

Langs de Poel in Amstelveen ontstaat soms een stukje prehistorie. Je ziet bijna de ijsberen door het desolate landschap struinen. Ze zullen dan wel groengeel gevlekt moeten zijn om zich in het veengras te camoufleren. Het groepje bomen heeft zich verenigd om samen sterk te zijn tegenover het omringende moeras.  Ze staan op een stukje hoogland in het laagveen dat ontsnapt is aan de reguleringsdrift van de biologen. Er zal weinig natuur zo onnatuurlijk zijn als het Amsterdamse Bos en de Poel. Toch is het juist daardoor mogelijk om een blik van een ver oertijd verleden of het toekomstige aards paradijs op te vangen.

Het kan soms nog best lang duren voordat sneeuw is ontdooid. Op het eind lijkt de terugtrekkende beweging zelfs op een aanval. Maar als de zon goed doorbreekt gaat het snel en winnen de stoeptegels terrein. Fietsbanden en voetstappen nemen het over en dienen de beslissende slag toe. Mijn meest dierbare  foto’s hebben geen onderwerp en tonen de democratische schoonheid van het alledaagse. Het patroon van het glimmende smeltwater en de gedeeltelijk dofdroge betontegels blijft boeien. Maar ook het door de groothoeklens vervormde perspectief van het voegenraster vraagt om aandacht. Je maakt zo’n foto impulsief en probeert achter de werkelijkheid te kijken. Pas later ga je mijmeren over waarom het zo mooi is.

Ik ben niet depressief maar heb wel een oog voor een tragisch plaatje. De verkeersstreep voert een hopeloze strijd tegen zijn oprukkende belagers. Het zou zomaar als PVV poster kunnen fungeren. Een allegorie van de witte suprematie die wordt aangetast door vreemden met migratie achtergrond. De scheuren in het asfalt zoeken als rivieren hun weg naar de geordende bovenlaag. Ze coördineren hun beweging in een alzijdig aanvalsplan. Voor de pragmatici kan de bedreiging alleen met harde hand in de vorm van een nieuwe laag witte verf worden opgelost. De intellectuelen staan open voor de kansrijke verandering of genieten van de schoonheid van het verval.

Watervogels lijken sociaal maar ze zijn het niet. Deze meerkoeten houden zorgvuldig voldoende afstand van elkaar zodat converseren niet meer mogelijk is. Onverstoorbaar in zichzelf gekeerd dobberen ze maar wat rond en willen alleen voor voedsel uit hun lethargie ontwaken. Over de vreemde eend kan een apart verhaal worden geschreven. Hij leidt dus af en ik had hem liever niet in de foto. Een ijverige fotograaf zou hem eruit fotoshoppen. Ik laat het bij vermelding in de tekst en ga door naar de volgende foto.

Aalsmeer is een bonte verzameling van kleine wereldjes. Oud en nieuw komt er samen en alleen economische motieven zijn bepalend. Met hun kassenbouw creëren ze een kunstmatig klimaat waarin ze voor god spelen en de weersinvloeden bepalen. Het krappe kader van de foto komt overeen met de nauwe kavels die optimaal de ruimte benutten. Men is vrij om zijn grond naar wens in te delen en laat daardoor vaak veel geschiedenis ongebruikt achter. Door die anarchie lijkt het soms op een stukje Amerika in Nederland.

Zelfs voor €100,- per dag blijft een klusser kijken en ontdekken. Deze studie in grijs toont een essentieel verschil in aanpak. Mijn klusmaatje plamuurt graag met een breed mes. Ik ga voor smal om vooral de gaatjes gericht te kunnen vullen. In grote lijnen zijn we het gelukkig wel met elkaar eens en vullen een bijna gelijke kieswijzer in. Maar daarna komen altijd de details waar voor vruchtbare arbeid verschil van inzicht nodig is. De foto is geen onderdeel van een serie. Bij klusarbeid kun je natuurlijk niet teveel tijd verbeelden en telt alleen het resultaat van de dag.

Soms is het onderwerp van de foto zo belangrijk dat het niet uitmaakt hoe het erop komt te staan. De emotie is te sterk en overstijgt de esthetische waarde. Op dat moment is het van belang om een fotopauze in te lassen. Deze half uitgepakte Fender Telecaster kan geen kunstfoto zijn. Het is een gedurende 20 jaar opgeblazen wens die zomaar opeens wordt thuisbezorgd. Pas als de spanning verdwenen is valt op dat de totaalfoto weer het mooist is. De weerspiegelingen en de semi doorschijnende transparante folie zijn een lust voor het oog maar geen concurrentie voor de klassieke gitaarvorm die zich in de doos aftekent.

 

 

sportfilms 11-20

MCDSHTH EC016

She’s the man – Andy Fickman – 2006

Amanda Bynes speelt op college vrouwenvoetbal. Haar team wordt opgeheven omdat meisjes toch niet kunnen voetballen. Ze zint op wraak als ze niet met de jongens mag meespelen. Haar tweelingbroer speelt in het concurrende team maar is een paar maanden naar Londen verhuist. Ze verhuist dus bij de start van het schooljaar naar zijn school en neemt zijn plaats in. Haar kamergenoot is Channing Tatum en het kost natuurlijk veel komische moeite om haar vrouwelijkheid te verbergen. Ze wordt verliefd op Tatum maar de vriendin van Tatum wordt verliefd op haar. Als de niets vermoedende broer terugkeert is de chaos compleet. Tijdens de grote finale wedstrijd komt ze uit de kast maar mag toch doorspelen. Want in sport wordt natuurlijk niet gediscrimineerd. Eind goed al goed met een debutantenbal waar 3 verliefde stelletjes gepresenteerd worden.
Amanda Bynes is perfect voor de rol en steelt de show met haar komische talent en voetbal. Channing Tatum is opnieuw veel gevoeliger dan zijn gespierde lijf doet vermoeden. De Engelsman Vinnie Jones is de harde coach die toch nog een hart blijkt te hebben. Andy Fickman heeft meer een highschool film dan een voetbalfilm gemaakt. Dat is tekenend want ons voetbal blijft in Amerika in de marge staan en lijkt de achterstand op de grote 4 (football, honkbal, basketbal en ijshockey) nooit in te halen.
Budget $20 miljoen, boxoffice worldwide $60 miljoen

remember-the-titans

Remember the Titans – Boaz Yakin – 2000

Before we reach for hate we remember the Titans. In het waargebeurde verhaal uit 1971 wordt in Virginia een witte en zwarte hogeschool samengevoegd vanwege de integratie. Dat geldt ook voor de 2 football teams. Hoofdcoach Denzel Washington wordt extern aangetrokken en de voormalige coach van het blanke team Will Patton wordt coach van de verdediging. Pattons mondige dochtertje Hayden Panettiere is verbeeld prachtig de confrontatie.  Denzel Washington is de gestaalde volharding en in een trainingssessie op het civilwar slagveld van Gettysburg wordt de eenheid gesmeed. Maar terug op school blijkt dat de maatschappij nog niet zo ver is en er komen discriminerende protestmanifestaties. Het gewelddadige American Football is een perfect middel om de verhitte gemoederen te verbeelden. De integratie staat centraal en het lijkt een bijzaak dat ze tenslotte kampioen van Virginia worden.
Blockbuster producent Jerry Bruckheimer en kindervriend Walt Disney maken er met prachtige beelden van cameraman Philippe Rousselot een vakkundig geschiedenislesje van. De soundtrack neemt ons mee naar 1971 met Spirit in the sky, Venus, Creedence Clearwater Revival. Leuk is ook om en piepjonge Ryan Gosling te herkennen.
Budget $30 miljoen, boxoffice WW $135 miljoen.

Longshots01

The Longshot – Fred Durst – 2008

Als haar alleenstaande moeder moet overwerken komt puberdochter Keke Palmer na school onder de hoede van de werkeloze oom Ice Cube. Hij toont weinig interesse tot hij haar een bal ziet gooien. Ze gaan uit verveling overgooien en hij leert haar de quarterback moves. Het lukt Icecube om een plaats voor haar te vinden in het rampzalig slecht presterende lokale football mannenteam. De scepsis van de jongens verdwijnt als ze eindelijk eens gaan winnen. De coach krijgt last van zijn hart en Ice Cube neemt de regie weifelend over. Door de successen van het team komt het vervallen industriestadje in Illinois weer op het spoor. De burgers starten een grote schoonmaak en zamelen geld in voor deelname aan de Pop Warner Superbowl. Keke Palmer wordt een bekendheid en zelfs haar vader laat na 5 jaar weer van zich horen. Ze valt voor zijn mooie praatjes en denkt dat hij naar de Superbowl komt. Dat gebeurt dus niet en ze verliezen nipt maar eervol. Terug thuis zijn ze de helden en als de vader weer opduikt kiest Keke voor oom Ice Cube. Die slaat een contract in Miami af en blijft thuis om te coachen en voor zijn relatie met de schooljuf van Keke.
Het waargebeurd verhaal over de 11 jarige Jasmine Plummer is een tearjerker van de buitencategorie. De toen 14 jarige Keke Palmer werd een ster en speelde ook in Joyfull Noise (Todd Graff 2012 zie https://erikgveld.wordpress.com/2015/08/17/muziekgenre-films-11-20/)
Budget $23 miljoen, boxoffice USA $11 miljoen

forloveofthegame800x1200

For the love of the game – Sam Raimi – 1999

Regisseur Sam Raimi van Spiderman en Evil Dead maakt altijd inventieve films. Het is dus vreemd om een saaie honkbalfilm bij hem te vinden. Maar zoals elke Amerikaanse jongen is het spel hem met de paplepel ingegoten. Hij kiest voor een klein verhaal en vindt in Kevin Costner de perfecte acteur. Die speelt een ouder wordende werper die al 19 jaar de spil is van de Detroit Tigers. Het team heeft betere tijden gekend en de eigenaar wil de club verkopen waardoor Costner zal moeten stoppen. Hij houdt nog te veel van het spel en mijmert tijdens zijn laatste wedstrijd op de werpheuvel over zijn leven. Zijn liefdesleven komt in flashbacks langs en toont Kelly Preston als zeer geloofwaardige love interest die moeite heeft met het leven als ‘de vrouw van een honkbalster’. Wanneer Costner zijn hand verwond wordt het wel heel snel duidelijk dat honkbal zijn eerste liefde is. Maar in die laatste wedstrijd komt alles op de werpheuvel samen en gooit hij ondanks een geblesseerde arm de perfecte wedstrijd.
Heel mooi en met veel liefde voor honkbal gemaakt. Zeer goede dialogen van Dana Stevens. Zelfs John C Reilly speelt zowaar een goede rol als catcher en vertrouwensman. Maar Raimi blijft het belangrijkst zoals hij alles samen brengt en laat zien hoe spannend een voorspelbaar verhaal kan zijn. Budget $80 miljoen, boxoffice USA $35 miljoen.

game-6-michael-keaton-3

Game 6 – Michael Hoffman – 2006

We volgen de altijd zenuwachtige Michael Keaton als een Boston Red Sox fan op de dag dat ze tegen de New York Mets spelen in de world series 1997 championship match. Sinds 1918 heeft de honkbalclub geen finale meer gewonnen. We leven mee met zijn onbewuste angst dat het dit keer ook wel weer niet zal gaan lukken. Tegelijkertijd gaat diezelfde avond zijn toneelstuk de première. Hij wil liever naar de wedstrijd omdat de fantoom criticus Robert Downey Jr (the man who haunts Broadway) met zijn vernietigende recensies in de zaal zal zijn. We volgen hem de hele dag en voelen de spanning stijgen. Hij ligt overhoop met zijn dochter, is in scheiding van zijn vrouw en voert diepzinnige gesprekken met een taxichauffeur. De Sox verliezen en hij wil Downey vermoorden. Pas in zijn huis ontdekt hij dat zijn dochter een relatie met Downey heeft en dat hij ook een Red Sox fan is. Ze vinden elkaar als sportfan van een team dat nooit wint.
De getergde gitaarmuziek van Yo La Tengo en de gehaaste camera van David Dunlap zorgen voor een gespannen sfeer in de opbouw naar de match. Toch heeft Michael Hoffman vanwege een laag budget geen overtuigende de film gemaakt. Zelfs het eerste scenario van de bekende Don DiLello was niet voldoende om de geldschieters te overtuigen. Budget $ 1 miljoen, boxoffice USA $ 100.000,-.

2_Fast_2_Furious_-_Promo_Still

2 fast 2 furious – John Singleton – 2003

De wereld van de sport is naast strijd ook een wereld van subculturen. Bij het streetracen bestaat die uit snelle wagens, sexy vrouwen en agressieve rap muziek. De Fast & Furious serie begon als een probeerseltje maar is ondertussen al bij deel 8 beland. Het zijn big budget actiefilms die hun inleg met gemak verdubbelen. Het racen is over de top gefilmd, de coureurs vechten persoonlijke vetes uit en de intrige komt uit de misdaadwereld. Hoofdrolspeler Paul Walker werd er beroemd mee maar stierf in 2013 bij een auto ongeluk. Hij moet het dit keer zonder Vin Diesel doen en speelt een undercoveragent die in Miami infiltreert in een streetrace gang. Doel is om de drugsmokkel te onderscheppen en de baas te arresteren. Rapper Ludacris is de ceremonie meester en Eva Mendis de undercoveragente die het er maar net levend vanaf brengt. Je kijkt ervan op dat Mitsubishi’s opeens de ultieme race auto’s zijn. Leuk om te zien maar de hele serie zou toch wel vermoeiend zijn.
Budget $75 miljoen, boxoffice WW $ 240 miljoen.

Chak de! India. (Zet hem op India) – Chimit Amin – 2007

De Indiase hockeyster Shah Rukh Khan mist tegen Pakistan een penalty en wordt verdacht van omkoperij. Hij moet door de publieke opinie gedurende 7 jaar onderduiken en kan alleen maar terugkeren als coach van de nationale dames selectie. Het is een excuus team van de hockeybond en ze zijn bij voorbaat kansloos vanwege denigrerende vrouwonvriendelijkheid. De 16 meisjes komen uit alle delen van het veelzijdige India en het duurt lang voor er eenheid wordt gesmeed. De film lijkt wel een cursus voor trainers: India komt eerst, dan het team en tot slot jezelf. De coach heerst met harde hand en werkt veel aan de conditie. Het team komt in opstand en in het verzet vinden ze elkaar en ontstaat de teamgeest. Pas als ze goed tegenstand bieden aan het herenteam worden ze serieus genomen en mogen ze naar het WK. Daar worden ze in eerste instantie door Australia met 7-0 weggespeeld. Maar de coach raakt niet in paniek en langzaam groeit het team in het toernooi en wordt het wereldkampioen.
Feminisme en vrouwensport blijkt nauw verwerven. Is dat de reden waarom onze Nederlandse vrouwen succesvoller zijn dan de mannen?
INR 450 miljoen, boxoffice USA $1,1 miljoen

moneyball_39298Moneyball – Bennett Miller – 2011

General manager Brad Pitt verliest in 2001 met zijn Oakland Atletics honkbalteam de play offs van de New York Mets. Het is een gevolg van een budget van $30 miljoen tegenover de $130 miljoen van de tegenstander. Na afloop wordt zijn team leeggekocht en moet hij opnieuw beginnen. De nerderige Jonah Hill heeft economie gestudeerd en is van mening dat je geen spelers maar overwinningen moet kopen. Met de statistieken als leidraad kan je zonder vooroordelen als leeftijd en uiterlijk de juiste 25 spelers uit het aanbod van 20.000 kiezen. De ervaren scoutinggroep van de club denkt nog in mensen en laat zich niet te overtuigen. Ook coach Philip Seymour Hoffman werkt niet mee en blijft zijn laatste sterspelers opstellen. Dat maakt de rest van het team onzeker en pas als Pitt die beste spelers verkoopt gaat het team winnen. Na een begin van 10 nederlagen scoren ze een alltime record van 20 overwinningen achter elkaar. Ze halen de play offs maar verliezen daar de eerste wedstrijd. Toch is er veel veranderd in het honkbal en de andere teams nemen het statistische beleid over.
Honkbal is bij uitstek een sport waar de cijfers bijgehouden worden. De filmtitel Moneyball slaat op het honkbalmanagement waar die cijfers tellen. Het is het waargebeurde verhaal van de manier waarop Belly Beane voorgoed het honkbal veranderde. Regisseur Bennett Miller heeft er een sobere film van gemaakt waarin hij goed de eenzaamheid van de general manager laat zien. Hij wil zelfs niet naar de wedstrijden kijken om geen persoonlijke band met zijn spelers te krijgen. In de professionele honkbalwereld zijn weinig woorden nodig. Het ontslaggesprek bestaat uit een zin. De coach bepaalt het spel en de manager het beleid. Ze spreken bijna niet met elkaar. Het enige van belang is dat een speler succesvol moet zijn om zelfvertrouwen op te bouwen. Daarom zullen de oude scouters nooit een speler met een lelijke vriendin aannemen. Hij geeft daarmee blijk van gebrek aan zelfvertrouwen.
Budget $50 miljoen, boxoffice WW $110 miljoen

Everest – Baltasar Karmákur – 2015

High mountain climbing wordt big business en op de Mount Everest is het spitsuur. Josh Brolin betaalt $65.000 voor zijn excursie naar de top. Het is zo druk dat Jason Clarke en Jake Gyllenhaal als concurrerende begeleiders besluiten samen te werken. Ze kunnen hun reis niet nog een jaar verkopen zonder mensen op de top te zetten. Op de ultieme dag vertrekken men al om 0:30 vanaf het basiskamp. De top moet niet later dan 14:00 bereikt worden om ook weer terug te komen. Maar niemand wil natuurlijk zo dicht bij het doel opgeven. De voorhoede is op tijd boven maar de achterblijvers willen natuurlijk niet voor de top omkeren. Jason Clarke begeleidt ze tegen beter weten in toch naar boven. Op de terugweg komen de problemen en blijkt dat er niet voldoende zuurstofflessen zijn. Het dilemma van een gids is op welk je moment je iemand opgeeft en voor je eigen leven gaat. Er steekt een storm op en 13 man inclusief gids sterft op de helling. Emily Watson is de perfecte huilenbalk op het basiskamp die het leed inzichtelijk maakt. Het wordt echt sentimenteel als de stervende Clarke vanaf de berg met zijn zwangere echtgenote Keira Knightly in Amerika belt.
Naar een waar gebeurd verhaal uit 1996 en bijna als een documentaire gefilmd. De aanloop naar het basiskamp is opgenomen in Nepal en de crew kreeg toen al hoogteziekte. De bestijging van de top is in de Zwitserse Alpen nagebootst. Het filmteam had zeker geen vakantie en heeft onder zware omstandigheden gewerkt.
Budget $ 55 miljoen, boxoffice WW $200 miljoen.

Friday Night Lights – Peter Berg – 2004

In 1988 is het college football team the Permian High Panthers van Odessa,Texas het middelpunt van het stadje. De meisjes vechten om de spelers en de ouders geven adviezen aan de sporters. Coach Billy Bob Thornton lijkt onaangedaan door de commotie en gaat zijn eigen weg om opnieuw kampioen te worden. In de eerste wedstrijd wordt zijn sterspeler geblesseerd en moeten ze als team verder. Ze halen de finale maar komen 1 meter tekort om kampioen te worden. Opnieuw wordt football neergezet als een super gewelddadige sport. Op college niveau wordt gespeeld door 17 jarige scholieren en slechts één zal een profcontract bemachtigen. Voor de anderen blijft dat jaar misschien wel het belangrijkste van hun leven. De ouderen in het stadje dragen met trots hun ring van een vroeger state championship. Vader Tim McGraw kan maar niet verwerken dat zijn zoon Garret Hedlund minder op het veld presteert dan hij vroeger deed. Blockbuster regisseur Peter Berg filmt heel indringend close met telelenzen en monteert veel tussencuts. Budget $30 miljoen, Boxoffice USA $60 miljoen.

Wat eraan vooraf ging:

  1. Trouble with the curve – Robert Lorenz – 2012
  2. Michel Vaillant – Louis-Pascal Couvelaire – 2003
  3. Coach Carter – Thomas Carter – 2005
  4. The Cinderella Man – Ron Howard – 2005
  5. The Damned United – Tom Hooper – 2009
  6. Tin Cup – Ron Shelton – 1996
  7. Glory Road – James Gartner – 2006
  8. We are Marshall – McG – 2006
  9. Blackball – Mel Smith – 2003
  10. The Natural – Barry Levinson – 1984

 

 

 

Junichiro Tanizaki – Stille sneeuwval – 1946/1948

scan-bmp

Stille sneeuwval is in 2006 uitgegeven als deel 51 van de serie De Twintigste Eeuw. Uitgeverij Atlas biedt daarin bestaande vertalingen van andere uitgevers een tweede kans. Het is een mooie verzameling geworden die moeilijk te overzien is want op de site van Atlas is geen bijgewerkt lijstje te vinden. Zelfs als ik daar zoek op ‘twintigste eeuw’ komt er niets tevoorschijn. Het hoogste nummer dat ik lukraak op internet tegenkom is 83. Toch lijkt de serie nog niet gestopt want in januari 2016 wordt Petersburg van Andrej Bely toegevoegd. Achterin dat boek zal dan wel, zoals bij mijn eigen delen, het laatste overzichtslijstje staan. Bij Bol.com is Sneeuwval alleen nog tweedehands als oudere Meulenhof uitgave beschikbaar. Met uitzondering van Geboortegrond van Czeslaw zijn al mijn delen in de ramsj gekocht. Ik kocht Stille sneeuwval in 2011 samen met een andere nog ongelezen Tanazaki: deel 52 Kruisende lijnen. Voor verdere aanvullingen op de serie ga ik de kringloop/ramsjwinkels op de zwarte ruggetjes inspecteren.

Stille sneeuwval van Jonuchiro Tanazaki is een Japanse klassieker. Op voorhand zijn er ruim voldoende ingrediënten aanwezig voor een meeslepend leesavontuur. De 600 pagina’s bieden voldoende ruimte aan een ervaren auteur die in zijn decadente beginwerken originaliteit heeft laten zien. Het verhaal speelt in het exotische Japan van het begin van WW2 en het is mijn eerste kennismaking met de schrijver. Vooral de dikte van het boek stemt me verwachtingsvol. Bij een papieren boek is die omvang directer voelbaar dan digitaal op de e-reader. De dikte ter rechter zijde met de nog te lezen pagina’s zijn van invloed op de verwachtingen. Je weet dat er nog veel gaat komen en houdt er ongemerkt rekening mee. Voor de schrijver Tanizaki lijkt die grote omvang geen last te zijn geweest. Hij begint droog en chronologisch met de beschrijving van de dagelijkse gebeurtenissen van vier zussen en bij pagina 100 vraag ik me af of dit interessant blijft. Maar bij pagina 150 heeft hij me te pakken en ga ik meeleven met de stille derde zus Yukiko die aan de volgende oudere man wordt gekoppeld. Ze is jong voor haar 30 jaar, hij is 45 en ziet er veel ouder uit en opeens wordt het een fijn gevoel dat er nog 450 pagina’s te gaan zijn.

tanizaki-junichiro_and_ayuko_tanizaki

Junichiro Tanizaki (1886-1965) komt uit een gegoede Japanse familie in Tokyo. Zijn studie literatuur moest echter toch wegens financiële tegenspoed worden afgebroken. Al op 24 jarige leeftijd komt in 1910 zijn eerste korte roman uit. Hij blijkt onderdeel van een serie die gewijd is aan decadentie en femme fatales. In 1915 trouwt hij en het ongelukkige huwelijk geeft nieuwe schrijfinspiratie. Na de grote aardbeving van Tokyo verhuist hij in 1923 naar Asiya in de omgeving van Kyoto. Daar ontmoet hij in 1927 de eveneens gehuwde Matsuko Nezo en er ontstaat een platonische relatie. Tanizaki scheidt van zijn eerste vrouw en trouwt een tweede maar ook dat huwelijk houdt geen stand. Het paar betrekt een huis naast Matsuko en hij schrijft haar heimelijk liefdesbrieven. In 1934 scheidt hij opnieuw en trouwt in 1935 eindelijk met Matsuko. Zij heeft 3 zusters van wie een getrouwde. De jongste zus gaat een relatie aan met de ex-man van Matsuko en trouwt tenslotte met hem. Dat familieleven is de inspiratie voor een grote roman die de teloorgang van de decadente hogere klasse beschrijft. In de aanloop van WW2 is het echter niet mogelijk over zo’n negatief thema te schrijven. Hij beperkt zich tot de lotgevallen van de vier zusters en noemt het Stille sneeuwval. De eerste hoofdstukken komen  als feuilleton in een maandblad maar ook daar steekt de censuur een stokje voor. Tanizaki schrijft door en kan de roman in 3 delen tussen 1946 en 1948 uitgeven.

De Japanse titel Sasameyuki betekent licht vallende of fijne sneeuw. In de klassieke Japanse poëzie staat het ook voor de vallende blaadjes van de kersenbloesem. Het is het symbool van de vergankelijkheid. Het woord yuki betekent sneeuw en is onderdeel van de naam van de derde zus Yukiko. Haar naam zou dus geïnterpreteerd kunnen worden als sneeuwdochter.

makioka-sisters-1600x900

De romantitel Stille Sneeuwval wordt in het Engels vertaald als The Makioka Sisters. Er zijn 4 zusters en hun ouders zijn bij het begin van het boek in 1938 al overleden. De oudste Tsuruko is dan midden dertig en getrouwd met de in de familie geadopteerde Tatsuo die daardoor familiehoofd wordt. De Japanse maatschappij is erg hiërarchisch ingesteld en de oudsten beslissen voor de jongeren. Tsuruko is de meest behoudende van de zusters en altijd druk met de zorg voor haar 6 kinderen. Haar man werkt hard en is vanwege een minderwaardigheidscomplex erg formeel in de omgang. Hij moet voor zijn werk verhuizen van het beschaafde Kyoto naar het koude en zakelijke Tokyo.
Sachiko is de tweede dochter en via haar wordt het verhaal grotendeels verteld. Zij is getrouwd met de gemoedelijk en zorgzame Teinosuke en ze hebben slechts een dochtertje. Zij wonen in een mooi huis in de omgeving van Kyoto en haar ongetrouwde zusters wonen bij haar in. De stille en volgzame  Yukiko is de 3de dochter en met 29 nog steeds ongetrouwd. De familie heeft vele huwelijkskandidaten afgewezen. Door die hautaine houding en haar vorderende leeftijd worden de kandidaten steeds minder geschikt. Vanwege het uitblijvende huwelijk mag de jongste dochter Taeko van 26 nog niet trouwen. Zij is een vrijgevochten moderne vrouw die een poppenatelier heeft en tegen de wens van de familie in couturier wil worden. Ze heeft al eens een relatie gehad met een losbol en vermindert met haar ordinaire leefstijl de huwelijkskansen van Yukiko.

Tanizaki vertelt dit alles meteen in de eerste 20 pagina’s en daarna verandert er niet zoveel meer. In een logboekstijl beschrijft hij van week tot week de lotgevallen van de zusters. De grote Japanse thema’s worden niet gezien en we volgen alleen de alledaagse familiezaken rond 1940. Het is een formele wereld met strenge leefregels. De mannen zijn de baas en de vrouwen krijgen inspraak. Beiden houden wel van een glaasje en dronkenschap wordt niet als een schande ervaren. De elite volgt de westerse films en literatuur op de voet. Kimono’s zijn vooral voor de ceremoniedagen zoals het jaarlijkse voorjaarsuitstapje om de kersenbloesem te bewonderen. De huwelijksaanzoeken voor Yukiko lopen via specialisten en beide families laten nog voor de eerste ontmoeting een uitgebreid antecedentenonderzoek uitvoeren. Als een moeder geestesziek blijkt wordt de procedure afgeblazen. Of als de kandidaat niet voldoende verdient, of te eenvoudig is. Tot slot komt het ook voor dat Yukiko hem niet aardig vindt. Je gaat echt met haar meeleven en ziet net als de familie haar tekortkomingen niet. Ze is zo bang voor de buitenwereld dat ze de telefoon niet durft op te nemen en bij de kennismakingen haar mond niet open doet. Ze is daarmee het tegendeel van haar jongere zuster Taeko die heel zelfstandig haar eigen bestaan opbouwt. Zo eigengereid dat ze haar verloofde uitbuit zonder hem zekerheid te geven en tenslotte met een fotograaf wil trouwen. Gelukkig voor de familie sterft hij aan een ontsteking. Veel lijkt zo uit Sense & Sensibility van Jane Austin gegrepen, maar wel met het grote verschil dat Austins boek een eeuw eerder speelt.

Mar. 27, 2012 - Junichiro Tanizaki, : Junichiro Tanizaki, one of Japan's most celebrated contemporary authors, was born in a working-class district in ''downtown'' Tokyo in 1886, and died on 30 July 1965. He studied literature at the Tokyo Imperial Universit, and much influenced by western writers such as Poe, Baudelaire and Oscar Wilde. He gained recognation with his ''Complete Works'' in 1930, although he had written several novels after 1923. He divorced his wife under amicable circumstances very similar to those described in novel he wrote entitled ''Some Prefer Nettles''. 1949 he received the prestigious Imperial Prize for Literature, and in 1951 wrote a modern version of ''Tales of the Genji'' in several volumes. At the end of World War II he wrote a long novel named ''The Makioka Sisters. (Credit Image: Keystone Pictures USA/ZUMAPRESS.com)

Tanazaki schrijft zo gedetailleerd over de dagelijkse lusten en lasten van zijn vrouwen dat je als vanzelf gaat meeleven. Hij geniet van de uitvoerige beschrijving van een overstroming of tyfoon. Door de opstapeling van kleine gebeurtenissen groeit het verhaal uit tot een waar epos van het gewone leven. Het is vooral een lief boek geworden met veel zoet en zuur. Maar ook een tragische boek omdat de Japanners wel erg geketend zijn aan hun tradities. De dreiging van WW2 wordt langzaam groter en is een mooie versterking van de teloorgang van de familie. We blijven meedenken met Sachiko en hopen dat ze maar snel een passende man voor Yukiko vindt. Maar heel langzaam draaien de rollen om en verandert de familie van eisende partij in ontvangende partij. Nog even en ze kunnen het zich niet meer veroorloven om met twee oudere ongetrouwde dochters in het openbaar te verschijnen. Die teloorgang is voor het conservatieve familiehoofd Tatsuo moeilijk te accepteren en als Taeko voor de fotograaf kiest wordt ze uit de familie verstoten. Ze verhuist naar een flatje en mag geen contact meer onderhouden met haar zusters. Pas als ze een bijna fatale dysenterie krijgt kan Sachiko haar heimelijk opzoeken. De familiedokter wordt vanwege de schande ook pas op het laatste moment ingeschakeld. Taeko knapt op maar wordt zwanger van een andere burgerman. De volgende schande komt tevoorschijn en de familie realiseert zich dat je toch maar beter contact kan houden om te voorkomen dat ze echt schade gaat aanrichten.
Zo rollen we van het ene luxe probleem naar het nadere. Want de familie behoort nog steeds tot de elite en heeft voldoende geld om de prachtigste kimono’s te laten maken. Juist door die tegenstrijdigheden blijft het een genoegen om over de dames te lezen.
Een vijfde vrouw maakt het verhaal compleet. Oharu is de huishoudster van Sachiko en fungeert als schakel tussen de elite en burgerwereld. Volgens gebruik als 12 jarig volksmeisje aangenomen tot ze met een huwelijk het gezin weer zal verlaten. Ze is lekker bijdehand en gemakzuchtig maar doet wel op haar manier trouw wat opgedragen wordt. Ze brengt het dochtertje naar school en volbrengt heldendaden als de buurt door een overstroming geteisterd wordt.

Mijn blog vult zich op dezelfde natuurlijke manier als de roman van Tanizaki zich ontvouwt. Het lijkt heel toevallig maar voegt zich toch heel vanzelfsprekend in een regulerend patroon. Maar net zo onverwacht stopt het ook zoals Tanazaki ophoudt vlak voordat Yukiko dan toch eindelijk de man gaat ontmoeten waar het hoogstwaarschijnlijk mee gaat lukken.

Omslagontwerper Marjo Starink heeft een treffende sneeuwlandschap als voorkant uitgekozen. Ze had een ruime keuze bij de prominente prentkunstenaar Kawase Hasui (1883-1957). De volledige houtsnede Shiba Zôjôji (1925) is afgebeeld. Het is er een uit een serie van 12 gezichten op Tokyo. Maar Hasui heeft zich vaker door de sneeuw laten inspireren.

hasui_1929_zojoji_snow1

hasui-kawase

kawase_hasui-no_series-evening_snow_at_edogawa-00028234-090102-f12

ontknoping 21

Anger is just fear on the way out.
Maria Bello in Flicka (Michael Mayer – 2006)
Ik schrijf toch ook niet zomaar een zinnetje op dat ik geen tegenwind meer wil op fietspaden?
Diederik Samsom tegen Emile Roemer
School is de plek om te beseffen dat je ouders gek zijn.
Arjen Lubach
I have to change to be myself.
filmcitaat
De tank is de hamer in de gereedschapskist van de landmacht.
Alfred Staarman van het Nationaal Militair Museum.
Het doel van kunst is niet om de uiterlijke verschijning van de dingen te representeren maar hun innerlijke betekenis.
Aristoteles

Journalism is literature in a hurry.
Richard Gere in Runaway Bride (Garry Marshall – 1999)

Alles wat ik weet, weet ik omdat ik lief heb
Leo Tolstoj – Oorlog en Vrede

It is better to have the bastards in the tent pissing out then to have them outside pissing in.
filmcitaat

I want a Ferrari just to hurt.
Drake

Die Freiheit ist um die Ecke.
Henning Christiansen 2008

Wer in der Ruhrgebiet afgewachsen ist, hat die Fähigkeit, Schönheit zu finden, wo andere nicht einmal suchen würden.
filmcitaat

We moeten de maagdelijke reinheid van Mondriaan bevlekken, al is het slechts met onze ellende.
Constant Nieuwenhuis 1949

Woorden zijn troostrijk. Ze zijn gratis en je hebt ze altijd bij je.
Stella Bergsma
Vandaag de dag kunnen we niet langer geloven in permanente wetten, vaststaande religies, blijvende architectuur en eeuwige koninkrijken.
Jean Tinguely 1959.
De aarde is rond maar de wereld is plat.
Ad Visser
Autobiografisch schrijven is als een bakker die afbakbroodjes opwarmt.
Lize Spit – Belgische schrijfster
Iedereen kan in de waarheid geloven.
In nonsens geloven is een onvervalsbaar bewijs van loyaliteit.
Het dient als een politiek uniform.
En als je een uniform hebt, heb je een leger.
Curtis Yarvin over de Donald Trump aanhang
Peilingen zijn als palingen: glibberig.
Jeroen Wollaars – Nieuwsuur commentator in Duitsland.
I don’t know too much about love, but I sure think I got it bad
Joe Bonamassa – Bleus Deluxe